zondag 7 oktober 2012

Vroeg op



Vroeg op

Met een duf hoofd stap ik vanochtend vroeg de auto in. Het is 6.52 uur. Op weg naar het werk. De radio aan en ik word wakker bij het lied Een nieuwe dag van rapper Lange Frans. Een rake beschrijving van ontwakend Nederland op aanstekelijke ritme. Moeizame, maar toch ook weer goeie start.
 
Dit lied is voor de krantenjongen
Middenin de nacht begonnen, de eerste die ik 's morgens zie

Voor m'n mannen in de bouw, op de steiger in de kou
Als het bejaardenhuis ontwaakt

Want heey, hier komt weer een nieuwe dag(refrein)

Voor de basisschooljuf, die met frisse moed begint
In een klas waar ze het never nooit redt

En voor de moeder op de fiets, wind tegen, in de regen
Brengt haar kind naar school, ze heeft nog een kwartier

Vastloper
Ik blijf hangen op die juf, die met frisse moed is begonnen, in een klas zit waar ze het - zeker weten - niet gaat redden. Rake beschrijving: slechts twee zinnen en je voelt het (nood)lot naderen: afgebrand de schooldeur uit.
Vastlopers: mensen die langzaam maar zeker de controle verliezen en overspannen raken. Ik heb er vandaag vier van op mijn spreekuurlijstje staan. Als bedrijfsarts bijna dagelijkse kost, tegelijkertijd voor mij ook de sjeu van mijn werk.

Er is namelijk niks mooiers om een overspannen medewerker weer op de rails te zetten en aan de gang te krijgen. In de loop der jaren heb ik een vast stramien ontwikkeld die effectief blijkt uit te pakken. Luisteren, Samenvatten en Doorvragen (LSD) is de basistechniek. En dat een rondje of drie, vier. Na 5 -10 minuten begint het plaatje zich steeds verder in te kleuren en wordt helder waar we ‘het’ zoeken moeten.

Symptomen bij overspanning – surmenage
Veel mensen worden ‘overspoeld’ door klachten, die ze eigenlijk slecht kunnen plaatsen. Uitleg geven over het hoe én waarom van die klachten is een vast onderdeel van mijn aanpak. Ik gebruik daarbij één a-4tje, die ik jaren geleden al eens heb gekopieerd. Ik heb er altijd wel een stuk of vijf van in mijn werktas zitten.  Het overzicht ziet er als volgt uit:

Symptomen bij surmenage


3. Hyperesthetisch- emotionele klachten

-          prikkelbaarheid
-          geïrriteerdheid
-          emotionele labiliteit
-          huilbuien

2. Neurasthene klachten

-          moeheid
-          lusteloosheid
-          energieverlies
-          grote behoefte aan slaap
-          concentratie zwakte
-          vergeetachtigheid


1. Functioneel lichamelijke klachten

-          Malaise
-          Hoofdpijn
-          Maag-darm klachten
-          Duizeligheid
-          Hartkloppingen
-          Benauwdheid
-          Pijnlijke nek en schouders
-          Rugpijn
-          Pijn in de borst


4. Psychische spanningsklachten

-          gespannenheid
-          onrustig en/of gejaagd gevoel
-          slecht slapen
-          onrustig dromen
-          piekeren
-          gedeprimeerdheid – somberen

De uitleg:
Ik start de uitleg meestal met de lichamelijke klachten (1), want die zijn het meest herkenbaar. Die zijn functioneel - dus er is niet echt iets kapot,zeg ik dan – en het is het ook geen aanstellerij (zucht van verlichting). Het werkt allemaal anders ( namelijk via het zenuwstelsel). Doordat die volledig overprikkeld is, zijn er ook moeheidsklachten (2). Zeer herkenbaar. Bovendien is de harde schijf in ons hoofd volledig vol, dus nieuwe informatie wordt niet goed opgenomen, vandaar die concentratieproblemen

Die emotionele klachten (3) zijn te verklaren doordat we er geen controle meer over hebben: het loopt ons gewoon over de schoenen. En als het echt niet lekker loopt hebben we ook nog eens psychische klachten (4) als gespannenheid, angst en paniek of somberheid. De herkenbaarheid is groot, evenals de (diepe) verzuchting van wat nu.

De rek is eruit
Niemand wil natuurlijk ‘overspannen’ zijn. Dus leg ik uit dat ‘als het tegen zit, de rek eruit gaat’ net als bij een elastiekje (daar heb ik er altijd één van in mijn achterzakken zitten). Dat beeld, die metafoor doet het goed. Het blijkt ook geruststellend te werken, want de rek kunnen we er natuurlijk ook weer in brengen/krijgen. Tenminste als we een aantal zaken anders gaan doen en regelen. Daar gaat het resterende deel van het spreekuur dan over.

7.28 uur: zomaar een gratis doordenkertje
Het is nu bijna het half acht; tijd voor het nieuws, maar eerst even nog wat reclame boodschappen. Eén of andere it-club komt opdraven met de slogan: inzicht, grip, resultaat.

Klopt exact. Want neem bijvoorbeeld de situatie van zo’n overspannen medewerker. Zonder inzicht in de symptomen en de kern van het probleem, geen grip op de situatie en dus ook uiteindelijk geen resultaat. Want hoe vaak zien we het niet gebeuren, dat er ook na een jaar nog steeds niets wezenlijks is veranderd, aangepakt en/of verbeterd. Alles is blijven steken in een ‘moeras’ van goede bedoelingen en laissez faire handelen.

Inderdaad: inzicht, grip, resultaat. Cruijff zei het al: je gaat het pas zien als je het door hebt. Ik ben onderhand wel aardig wakker geworden, geloof ik.




donderdag 23 augustus 2012

De zorg: hoeveel extra is het ons waard ? nieuw - zeer aardig - rapport van VWS

Kosten van de zorg - weekend literatuur

De kosten van de zorg stijgen explostief . Dat kan onderhand niemand - zeker niet de oplettende kranten lezer - meer ontgaan zijn. De zorg wordt daardoor hét verkiezingsitem van 2012: alles komt daar namelijk in samen: gezondheid, zorg, dood of leven, wel/niet keuzes durven te maken. Van belang dus om alles weer eens mooi op een rijtje te hebben om goed de discussie te kunnen voeren.

De zorg: hoeveel extra is het ons waard ?
Recent bracht het Ministerie van VWS een erg aardig en zeer publieksvriendelijk boekwerkje uit met een uitgebreid overzicht van de kosten van de zorg.

Verplicht leesvoer voor in het weekend zo vlak voor de verkiezingen ! Download hier het rapport.

Werkscan - een nieuw instrument ? lees rapport van Astri

De Werkscan - opzet en achtergronden.

Velen zijn op zoek naar dé heilige graal van verzuim en reintegratie, hét ultieme instrument om het werkvermogen te kunnen meten. De Finse Workability Index (wai) lijkt deze positie vooralsnog in Nederland te hebben verworven. Maar er is ook kritiek op. En soms geen malse.

Variant WAi
Anderen borduren op het het basisconcept verder. Dat lijkt de opzet van de Werkscan, een instrument uit de koker van de Nederlandse Vereniging van Arbeidsdeskundigen. Dit voorjaar rondde het onderzoeksbureau Astri een gebruikerstest bij een 14-tal arbeidsdeskundigen af en maakte daar een interessant verslag van.

De Werkscan kent de volgende doelen - zo valt er in dit rapport te lezen
  • De Werkscan moet werkenden periodiek een beeld geven van hun werkvermogen: de balans tussen de eisen die het werk stelt (gezondheid, kennis en vaardigheden etc.) en de belastbaarheid op dit moment (huidige gezondheid, opleidingsniveau, kennis en vaardigheden, combinatie werk en privé etc.) en de voornaamste factoren die deze balans momenteel of op korte of lange termijn dreigen te verstoren;
  • De Werkscan moet werkenden concrete en haalbare actiepunten opleveren waarmee het werkvermogen voor de korte en langere termijn kan worden gestimuleerd;
  • De Werkscan moet de individuele verantwoordelijkheid van werkenden stimuleren alsmede de werkende aanzetten tot het zelfstandig, of met ondersteuning, opvolgen van de benoemde actiepunten;
  • De Werkscan moet de kwaliteit en effectiviteit van de dienstverlening van professionals die de werkscan toepassen vergroten.  

Maar: hoe ziet de werkscan er nu concreet uit ? kan ik hem zelf eens uittesten ? hoe staat het met mijn eigen werkvermogen eigenlijk,en klopt dat een beetje met mijn eigen perceptie ?Aaan deslag dus: Deze werkscan kan nu bewonderd, gelezen en uitgetest worden: download het rapport en bekijk pagina 43 tm 48

Opmerking - tijdsbesteding werkscan: 3 uur
De berekende tijdsbesteding is 3 uur, te verdelen in half uur voorwerk, 1.5 uur voor scan en gesprek, gevolgd door 1 uur voor verslag. De prijs voor de werkscan lijkt daarmee ergens tussen de 200-250 euro te liggen.

Waarom niet gratis ter beschikking gesteld op internet ?
Net als bij de Wai snap ik eigenlijk niet waarom dergelijke instrumenten niet op het internet worden gezet (gratis en open source) zodat zelfmanagement echt wordt gestimuleerd.

Toch: aardig rapport en mogelijk interessant instrument




VUmc ruzie en de esclatieladder

Van meningsverschil naar wrcvel; van milde ruzie naar harde confrontaties en eindigend in 'total war'. De escalatie ladder wordt bestegen. Het is elke dag ergens in BV Nederland waar te nemen.Vandaag dus overduidelijk in VUmc. Ook de bedrijfsarts heeft er vrijwel wekelijks mee te maken. Iedereen is niet bevlogen dus, maar vooral Shakespeariaans bezig.

Onderstaand reactie na eerste ronde berichtgeving over het casus VUmc met de stand anno do 23 augustud. De hoofdstukken daarna kennen we nog niet, want die worden de komende dagen- weken - maanden nog  geschreven. Het zal uiteindelijk wel een dik boekwerkje worden is de verwachting en prognose.

Een onvolledig bestuurlijk proces – part 2 ?

De VUmc casus - resumé van het voorafgaande tot zoverre:

De situatie lijkt na lezing van eerste ronde berichten helder, toch ? Dikke ruzie tussen de verschillende dokters op het VUmc. Dit is al langer gaande ( wellicht 1 jaar – mogelijk noglanger ? ).

Meningsverschillen evalueren naar stadium van ruzie én de escalatieladder ( google deze eens ter informatie) wordt verder bestegen.

Eén van de (hoofdrol ?)spelers neemt de rol van klokkenluider op zich en komt daarmee in positie van gebeten hond. Zaak loopt nu definitief uit de hand.

Allerlei partijen - andere collega's, werkvloer, RvB, IGZ - bemoeien zich ermee: gele en rode kaarten worden uitgedeeld. Beterschap beloofd. Over tot de orde van de dag en gedraag je als normale kerels is het adagium.

Maar de-zand-erover-strategie blijkt niet te werken: brandbrief wordt geformuleerd en verstuurd ( maar niet naar IGZ ?). Mediation groep wordt erbij gehaald maar stuit op teveel weerstand. Dit rapport is tot nu toe niet openbaar gemaakt( opmerkelijk)

IGZ zegt pas op 20 aug nader te zijn geïnformeerd. Uiterst curieus: kwestie van ziende blind en horende doof ? Externe groep (Argos) is wél ingelicht door een speler in deze, want hebben vertrouwelijk rapport toegespeeld gekregen. Is daarbij de IGZ bewust (?) overgeslagen. Maar met welke bedoeling ?

Velen ( Minister, IGZ, Patienten clubs) zeggen nu (?) dat het onacceptabel is en dat er sprake is van een niet meer werkbare situatie/arbeidsrelaties. Gemakkelijk scoren als de bal al in het net ligt. Valt toch allemaal wel meer mee, zegt RvB, want één van de hoofdrolspelers zit ziek thuis en speelt actief schijnbaar niet (?) meer mee, zegt/denkt/hoopt RvB.

Deze VUmc casus vertoont veel overeenkomsten met Radboud casus (2005). Het eindrapport van de Onderzoeksraad van Pieter van Vollenhoven in deze casus is absolute basisliteratuur in deze kwestie. Google: Een onvolledig bestuurlijk proces: - hartchirurgie in UMC St Radboud.

Commentaar DNB zoals geplaatst op weblog Medisch Contact - woe 22 aug 2012

Onderstaand de Escalatieladder:
VuMc lijkt in fase negen te zijn beland

zondag 12 augustus 2012

Achmea Vitale - overname of fusie met Zorg voor de zaak netwerk ? afgerond op 19 juli 2012 - business case nummer 1

De overname van Achmea Vitale door het Zorg voor de Zaak netwerk van Marius Touwen lijkt geheel rond te zijn, blijkend uit onderstaand FD krantenartikel, als ook uit persberichten van de beide organisaties.

Is het een overname ( ja) of een fusie ( klinkt veel aantrekkelijker, toch). Een fusie, aldus koper Marius Touwen.

De Nieuwe bedrijfsarts presenteert business case nummer 1 - vers van de pers
oefening: pak pen en papier, schrijf ultra kort op
ronde 1: 
* wie zijn de dealende partijen ?
* wat weet ik van beide partijen
* wie zijn de sleutelspelers - spelbepalers -en wat weet ik over hen ?

* hoe ziet de deal eruit ? wie doet wat tegen welke prijs/aanbod
* waarom vindt de deal plaats
* waarom vindt die nu plaats ? en niet een jaar geleden of volgend jaar ?
* welke argumenten hanteren de verschillende partijen ?

 ronde 2:
* lees het FD artikel
* en loop de eerste rij vragen nog eens langs
* wat weet ik nu meer ?
* wat weet ik niet nog steeds niet
* over welke losse eindjes wordt niets gezegd ? 

ronde drie
* constatering: ik zit nog met wat blinde en witte vlekken - onbeantwoorde, maar wel relevante vragen
* denk na waar de ontbrekende informatie ergens anders vandaan te halen is

ronde vier:
* trek informatie via andere kanalen na
* maar lijstje wat je te weten bent gekomen
* wat ontbreekt er nu nog
* welke andere vragen zijn er plotseling opgedoken

ronde vijf:
* we starten weer van voren af aan 
 
Lees dus het onderstaande bericht zorgvuldig en let vooral op de formuleringen; maar ook op wat juist wordt nagelaten te vertellen. Hamvraag voor aan het eind is: op welke vragen heb ik nog geen antwoord gekregen? en waarom zou dat nu zijn ?

bron: FD 19 juli 2012 - blz 12

Samen beter opgewassen tegen de slechte arbomarkt
Geschreven door: Van onze redacteuren
Meer volume

Amsterdam

Fusie of overname? Voor Marius Touwen, directeur-eigenaar van arbodienstverlener Zorg van de Zaak Netwerk, stond de keuze meteen al vast. Geen overname maar een fusie met arbodienst Achmea Vitale zal de meeste vruchten afwerpen.

‘Onze sector verkeert in zwaar weer en dat noopt tot het samenbrengen van krachten.’ de combinatie, die begin deze maand is gevormd, is goed voor circa € 150 mln omzet, een brutobedrijfsresultaat (ebitda) van € 5 mln en 1500 werknemers van wie circa 500 artsen. de fusie wordt gedreven door de markt, zegt Touwen. Behalve Zorg van de Zaak moesten ook Arbo Unie en 365, samen goed voor 80% van de markt, saneren vanwege rode cijfers. Want bedrijven doen vanwege de gure economie minder vaak een beroep op maatschappelijk werkers, psychologen en veiligheidsdeskundigen.

Bovendien spelen naweeën van de marktliberalisering van 2005 de arbodiensten nog steeds parten.

Sinds werkgevers niet langer verplicht zijn om voor zieke werknemers bij een arbodienst aan te kloppen, is de markt overspoeld door zzp’ers en kleine instellingen die specifieke arbodiensten aanbieden tegen een lager uurtarief.

Touwen voorziet ‘donker weer’ de komende jaren. Hij kiest daarom met Vitale, afkomstig van zorgverzekeraar Achmea, voor een vlucht naar voren. Technisch gezien is het een overname, aangezien Zorg van de Zaak Netwerk de circa 650 personeelsleden, de crediteuren en de debiteuren van Achmea Vitale overneemt.

Toch spreekt Touwen niet van een acquisitie. Want hij wil af van het rolpatroon van een ‘harde’ overname. ‘Bij zo’n transactie is er een bovenliggende partij die de overgenomen partij de identiteit ontneemt. die stuurt het management weg en wijzigt de structuren om er één bedrijf van te maken. dat doe ik niet, want daar win ik niets mee.’

‘Het is geen overname uit kracht om hoe dan ook marktleider te worden. Er is een algemeen gevoel onder onze mensen dat je gezamenlijk meer overlevingskans hebt dan afzonderlijk. In de filialen van Vitale ontmoet ik nu niet de beruchte aankoopweerstand, maar opgeluchte mensen omdat ze bij een vergelijkbare partij zijn gekomen.’

Touwen weerspreekt dat de winst van de fusie moet komen uit het beperken van doublures. Bijvoorbeeld het samenvoegen van kantoren levert volgens hem ‘bijna niets op’, omdat allerlei inefficiënties al eerder zijn weggesneden. de potentie van de fusie zit veeleer in het tot stand komen van meer volume, opdat Zorg van de Zaak Netwerk landelijk herkenbare producten kan bieden met meer toegevoegde waarde dan doorsneediensten. ‘dan kan ik concurreren tegen al die kleine bureautjes.’ de tot stand gebrachte fusie maakt Touwen intussen ‘verantwoordelijk voor 1,6 miljoen werknemers in Nederland’. Zijn wens is dat het fusiebedrijf over circa vijf jaar als een stabiel familiebedrijf in de markt staat met een ebitda van 8% tot 12% van de omzet.

Met het oog op die toekomst wordt het bedrijf binnenkort een structuur-bv opgezet, waarbij de aandeelhouder op grotere afstand staat en benoeming en ontslag van de statutaire directie is voorbehouden aan de raad van commissarissen (met als voorzitter VVd-coryfee Ed Nijpels) en de vergadering van aandeelhouders.

Touwen, die bijna 100% houdt in het fusiebedrijf, weet zich in de aanloop naar de toekomst bijgestaan door zijn zoon, die momenteel chef ICT is bij Zorg van de Zaak en door zijn dochter die optreedt als huisadvocaat.

Gids voor nieuwe arbotijdperk 2012



De Gids voor het nieuwe arbo tijdperk - 2012 - aanrader !

Op 5 juli werd de nieuwe Gids voor het arbotijdperk gepresenteerd door de makers Reijer Pille en Dianne van der Putte, beiden van de Falke en Verbaan Groep. Dit is een volledige up date van de eerdere uitgave uit 2007 waarin de Falke en Verbaan Groep haar befaamde kwadranten model voor arbodienstverleners presenteerde. Dit kwadranten model bleek een erg nuttig en handig instrument voor bedrijven en organisaties om tot een keuze voor een passende vorm van  arbodienstverlening te komen.En dat bleek geen overbodige luxe, want veel bedrijven worstelden zichtbaar met deze materie.

Een bedrijf kan nu grofweg kiezen uit een vijftal varianten/opties:
kwadrant 1: volledige uitbesteding aan gecertificeerde arbodienst en alles standaard geregeld - kort samengevat: het ' geen omkijken aan of ik wil er geen buikpijn van hebben' model.

kwadrant 2: gericht inkopen op basis van pakketten -deels intern geregeld en deels extern ingekocht - het hybride 'beetje van dit en dat'  model met soms een SLA ( Service Level Agreement)

kwadrant 3: alles intern geregeld - dus eigen regie model
kwadrant 4: variant van drie, maar met professionals in the lead

kwadrant 5: het cafetaria model: maatwerk in uitbesteding

De keuze kan aan de hand van een vijfstappen plan worden gemaakt:
1. welke visie heeft de organisatie ten aanzien van  HRM en AVR ( arbo verzuim en reintegratie)
2. op welke wijze wenst de organisatie de strategische steun te regelen ?
3. wat is de visie van de organisatie met betrekking tot het case management ?
4. welk arbodienstverleningsconcept verkiest de organisatie ?
5. welke kwadrant lijkt/is de meest passende kwadrant van arbodienstverlening ?

Dat lijkt een ABC-tje maar blijkt in de praktijk nog niet zo eenvoudig, want het veronderstelt veel in-en doorzicht in de plussen en minnen van de eigen organisatie.

Al met al: een erg aardige gids, met de laatste informatie /overzichten op een rijtje. Een aanrader !

Neem bijvoorbeeld het interessante en intrigerende onderstaande discussiepunten lijstje, met kort commentaar van ondergetekende
1. is privacy opnieuw een issue in arboland ? men denke aan de explosieve Zembla uitzendingen van dit voorjaar - hamvraag nu is:  volgt er een deel 3 in het najaar ?

2. het arbeidsomstandigheden spreekuur - dit is de afdeling klein bier: kost weinig,en levert veel op, dus .... terug van weggeweest ?

3. is de bedrijfsarts een werkgevers of werknemers arts of  'gewoon' een onafhankelijke adviseur ?  over hoe een beroepsgroep zelf ruis creeërt en introduceert en vervolgens niet meer weet hoe zich uit die discussie te wurmen en het positioneren geheel aan andere partijen overlaat - een intrigerende vorm van zelfbevlekking ? maar ja: hoe nu verder ? What a mess !

4. is de huidige financiering van de bedrijfsgezondheidszorg aan herijking toe ?  over de intrigerende vraag - om het maar eens wat breder te formuleren -de reallocatie van de lusten en de lasten. In concreto betekent dit heel eenvoudig gesteld: hoe laten we de overheid, ergo: wij de belastingbetalers - meer betalen ter verhoging van de eigen lusten (gegarandeerde omzet en volume). Deze discussie wordt in het komende najaar vervolgt cq beëindigd middels een brief van de staatssecretaris.

5. case management bureau's de wereld uit - om te beginnen in Nederland ? het lijkt erop dat de combinatie FNV/NVAB daarop aan stuurt. Maar de leidende vraag daarbij is eigenlijk: waarom zijn dit soort bedrijven ook al weer ontstaan ?  Allemaal terug te lezen in de Gids.





De vermoeide samenleving: over het waarom van de burn out, adhd, depressie en border line

Yes, we can ! - een zomeroverdenking

Afgelopen week kwam ik - al snuffelend-  bij mijn vaste boekhandel Snoek te Rotterdam bij toeval (?) op de leestafel het boekje 'De vermoeide samenleving' van een zekere meneer Han tegen.

Die Han blijkt van huis filosoof te zijn. Het is een dun boekwerkje, type essay. Slechts 60 kleine pagina's dik
'Elk tijdperk kent zijn eigen ziektes. Het bacteriële tijdperk eindigde met de antibiotica.De 21-ste eeuw wordt de eeuw van het neurale tijdperk, aldus Han, met neuroziekten als depressie, adhd, borderline en burn out'. Ik was meteen geïnteresseerd, want mijn spreekkamer stroomt over van de burn outs.
 
Han blijkt mooi te kunnen beschrijven: 'De vroegere samenleving bestond uit hospitalen, gestichten, gevangenissen, kazernes en fabrieken.Nu zijn er de fitness studios, kantoortorens, banken, vliegvelden en niet te vergeten de shopping malls. De mensen van nu zijn geen ondergeschikten meer, maar high potentials, geen gehoorzaamheidssubjecten, maar prestatieobjecten. Ze zijn de ondernemer van hun eigen ik.  Tja, dit komt me bekend voor. De Tjakka types dus.

Yes, we can ?!?
De wij vorm van de bezwering van Yes, we can is volgens deze Zuid Koreaanse Duitse Han de ultieme formulering voor het positieve karakter van huidige prestatie samenleving. We kunnen alles, maar doen dus altijd te weinig en blijven falend met onszelf zitten.Geen verboden, geboden en regulering meer- zoals vroeger, maar nu zijn initiatief, motivatie en projectdenken de motoren van ons doen. Het resultaat is echter een totaal  'oververmoeide samenleving'. Gaan we bevlogen ten onder ? Draven we te ver door in ons doen ?
Stof tot nadenken dus.
Zijn we als Icarus ? Ik ben er nog niet uit. Even door denken dus maar.




vrijdag 29 juni 2012

Evidence based ?

Bijna al weer een jaar geleden schreef de kersverse NVAB hoogleraar Carel Hulshof een column onder de titel: Evidenced Based Management, een brug te ver ? Aardig om te lezen, maar toch wordt de plank misgeslagen. Of niet ? Goed om de column er weer eens bij te pakken en de geest te scherpen.

Lees eerst de column van Hulshof en daarna de DNB reactie en score voor u zelf wie de beste argumenten heeft.

bron: Medisch Contact - column Carel Hulshof

Evidence-based management, een brug te ver?

Het belang van evidence-based handelen staat in de geneeskunde nauwelijks meer ter discussie. Behandelings- en begeleidingsmethoden worden in toenemende mate op hun effectiviteit onderzocht voordat ze in richtlijnen, klinische zorgpaden of protocollen hun weg naar de praktijk vinden. Was dat in andere sectoren ook maar zo.
Op zijn of haar blauwe ogen wordt niemand meer geloofd. Dat is maar goed ook. Experts die alleen varen op hun intuïtie of ervaring hebben het nogal eens mis. Dat zagen we ook in een onderzoek van het Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid van het AMC van enkele jaren geleden(1).
Op ons verzoek consulteerden veertien bedrijfsartsen in totaal 75 experts met een aantal door ons uitgewerkte, aan de praktijk ontleende, problemen met het verzoek om advies. In de helft van de gevallen (!) bleek het advies van de experts niet in overeenstemming met de bestaande evidence. Het advies van experts die expliciet een verwijzing naar een (literatuur)bron voor hun advies gaven was vaker wel correct.

Geneeskunde is voorbeeld

In de geneeskunde mag evidence-based handelen steeds meer zijn doorgedrongen, in andere sectoren van de maatschappij blijkt dit nog lang geen gemeengoed. In een vermakelijk artikel onder de titel ‘Trust the evidence, not your instincts’ vegen Jeffrey Pfeffer en Robert Sutton in The New York Times van 3 september de vloer aan met de meest voorkomende managementstrategieën vooral vanwege het vrijwel geheel ontbreken van evidence daarin. Beide Stanford-hoogleraren zijn de auteurs van het zeer lezenswaardige boek ‘Hard Facts, Dangerous Half-Truths, and Total Nonsense: Profiting from Evidence-Based Management'. In de wereld van het management hebben goeroes, ‘beliefs’, wilde of juist vastgeroeste ideeën nog vrij spel, vaak tegen beter weten in.
In het New York Times artikel geven Sutton en Pfeffer daarvan enkele voorbeelden. Prestatiebeloning, ‘pay, for performance’ wordt in allerlei organisaties gebruikt of bediscussieerd. De onderzoeken die, onder andere in het onderwijs, naar het effect op productiviteit en welbevinden van werknemers of prestaties van leerlingen zijn verricht laten echter geen enkel positief resultaat zien.

Mensen roteren

Uit ander onderzoek van de Sutton en Pfeffer komt naar voren dat stabiele en ervaren werkgemeenschappen veel beter samenwerken en communiceren. Toch hebben veel managers de gewoonte om mensen na een aantal jaren te laten roteren of te laten doorstromen naar een andere afdeling, functie of unit (in diverse Nederlandse Ministeries een bekend ritueel). De National Transportation Safety Board in de USA becijferde eens dat in het commerciële vliegverkeer 73 procent van de veiligheidsincidenten werd gerapporteerd op de dag dat een nieuwe crew voor het eerst in die samenstelling vloog.
De sollicitatieprocedure, ook zo’n mooi voorbeeld. Deelnemers aan sollicitatiecommissies blijken in sollicitatiegesprekken te kiezen voor kandidaten die aardig zijn, die op henzelf lijken en die er aantrekkelijk uitzien, zelfs als deze kwaliteiten irrelevant voor de functie zijn. Vele andere selectiemethoden zijn meer geschikt, bijvoorbeeld kandidaten een korte tijd het werk laten doen. Vrijwel niemand doet dit.

Fusie

In hun boek gaan Pfeffer en Sutton in op één van de belangrijkste managementstrategieën, de ultieme natte droom van veel managers of Raden van Bestuur: de fusie. Slechts zeer zelden blijken fusies effectief of leiden ze tot het beoogde doel. Vaker is het tegendeel het geval. Er gaat zoveel energie in moeilijke fusieprocessen zitten dat van kwalitatieve verbetering in het werk niets meer terecht komt. Bedrijfsartsen in Nederlandse arbodiensten kunnen erover meepraten. Toch blijven fusies aan de orde van de dag.
Gelukkig zijn er ook positieve ervaringen. De auteurs noemen zelf het voorbeeld van Google als een organisatie die probeert aan de hand van, deels eigen, onderzoek naar de effectiviteit van managementbeslissingen het beleid aan te passen en beter te luisteren naar de medewerkers als blijkt dat het niet werkt.

Provide me the evidence

Voor evidence-based management blijken in veel organisaties nog heel wat stappen te moeten worden genomen. Misschien moeten we ondernemingsraden en vakbondsvertegenwoordigers in de toekomst leren wat David Sackett de, klinisch epidemioloog die in de jaren tachtig aan de McMaster Medical School in Hamilton (Canada) aan de wieg van de Evidence-Based Medicine stond, aan zijn studenten geneeskunde leerde, namelijk bij elke stellige bewering van een manger te riposteren: 
 'Can you provide me with the evidence for what you just said…? '      

De DNB Reactie
Evidence based management: een brug te ver ?
Nee: vooral een illusie !

In de column wordt in ieder geval helder dat Carel Hulshof het boek van Pfeffer en Sutton “Hard facts, dangerous half thruths and total nonsense: profiting from evidence based management’ met veel genoegen en instemming heeft gelezen. Ik kende het boek niet, dus die staat nu op de bestellijst. Dank voor de tip in ieder geval.

Ter zake:
Dat het evidence based handelen binnen de geneeskunde nauwelijks meer ter discussie staat is waarschijnlijk eerder een wens van Hulshof ( als true EBM believer ?) dan werkelijkheid.
Juist de laatste tijd worden de manco’s en beperkingen van het EBM ervan steeds zichtbaarder. Ook de reacties erop nemen toe: een mooi voorbeeld ervan is het lezenswaardige, en ook voor de bedrijfsarts aan te raden, boek Bemoeizorg van de psychiater Jules Thielens met de provocerende sticker 0% wetenschap op de hard blauwe cover. Thielens is, net als ondergetekende, niet tegen onderzoek, richtlijnen en protocollen, maar vooral voor meer aandacht voor vakmanschap én intuïtie.

Vakmanschap en intuïtie:
Huh ? intuïtie ?! Maar: dat is niet meetbaar, valt dus niet in een format te proppen, dus niet te onderzoeken, dus dan ook geen artikel in outstanding blad en dus geen bonus punten bij ons op de universiteit. Geen wonder dat er niets in die data bases te aldaar terug te vinden is. Want: wat niet is, bestaat niet in EBM land.

Praktisch vak
Mijn/ons vak van bedrijfsarts is bij uitstek een praktisch vak, kun je niet uit boeken leren en wordt uitgeoefend in het moeras van de maatschappij gelegen op een kruispunt tussen sociale zekerheid, zorg en human resource management/organisatiebeleid. Het vereist vooral heel veel behendigheid. Het lijkt dus verrassend veel op voetbal. De grasmat en de omstandigheden zijn altijd weer anders. Overlevingswet nummer 1 voor de bedrijfsarts is: oefening baart kunst. Want: altijd weer andere condities, andere problemen, soms ogenschijnlijk hetzelfde, maar vaak bedrieglijk anders.

Voor EBM in de bedrijfsgezondheidszorg is naar mijn opinie maar een zeer bescheiden rol weggelegd, omdat ons professioneel handelen vooral door communicatie en gedrag wordt bepaald. Niets zo moeilijk te meten als dat.

Evidece based management ?
In organisaties lopen (net als in het gewone leven) zaken vaak heel anders dan verwacht en/of afgesproken. De dynamiek is (soms te) groot en managers hebben daar hun handen vol aan. Erg zinvol om een goed gereedschapskist mee te nemen, maar veel wetmatigheid is niet te ontdekken. Je hoeft maar de eigen arbodienst, Uwv, kwaliteitsbureau, beroepsvereniging, universitaire onderzoeksgroep te kijken om een glimp hiervan op te vangen. Voor een prachtig inkijkje verwijs ik graag het mooie proefschrift Bureaucratische Drama’s van Loes Berendsen ( zie link: www.bureaucratischedramas.nl/) over het UWV. Of lees Het Bureau van Voskuil.

Het is als het weer
Organisatie ontwikkelingen hebben veel weg van het Hollandse weer: het is nauwelijks te voorspellen en altijd maar weer afwachten hoe het zal zijn. Dus: evidence based management is vooral een illusie en dus wellicht de ultieme fata morgana voor de EBM onderzoekers.

En: 'Can you provide me with the evidence for what you just said…? '
Gossie: een grotere innovatieve dooddoener kan ik niet bedenken !


zondag 17 juni 2012

Acht trends in de zakelijke dienstverlening, dus ook arbomarkt ? bekijk en check de overeenkomsten

De zakelijke markt en dus ook de arbodienstverlening verandert snel, zich aanpassend aan de sterk veranderende omstandigheden.

Sommigen praten reeds over een 'reset world', anderen benoemen het als 'new normal'.

Volgens recent onderzoek is er sprak van een achttal trends in de zakelijke dienstverlening. Sommigen zijn even voorspelbaar, als  onontkoombaar. Wellicht aardig om deze acht trends op een rijtje te zetten en van commentaar te voorzien. Lees, en check het aan uw eigen ervaringen. Het gaat om de volgende acht trends:

1. Prijzen staan onder druk. 
Waar voorheen met gemak 145-175 euro per uur voor een bedrijfsarts gevraagd kon worden, ligt dit al enkele jaren (4-6 jaar ?)op een structureel veel lager niveau: 100-125 euro. Sommige arbodiensten rekenen al enige jaren nog lagere tarieven. Betrouwbare bronnen meldden tarieven van 90-95 euro per uur. Naar mijn inschatting ligt de huidige ondergrens ergens bij de 90 euro per uur. Dus: goedkoop, bijna onder kostprijs, wegzetten om structurele vraaguitval in ieder geval met inkomsten te kunnen compenseren. Het is een korte termijn oplossing met vrij zorgelijk randje, want niet houdbaar op middellange termijn. Goed waarneembaar bij de grotere arbodiensten zoals Arbo Unie


2. Pay voor performance
Het verrichtingen tarief is binnen de arbodienstverlening al vele jaren gemeengoed, maar juist met de bedoeling de inkomsten kant van de dienstverlener op te schroeven. Meer betaald krijgen voor dezelfde tijdsbesteding. Als reactie hierop hebben vele afnemers lagere uurtarieven bedongen. Dienstverlening op abonnementsbasis is overigens ook nog veel voorkomend. Gewoon gemakkelijk dus. Slechts in bescheiden mate ( 20% ?) lijkt er sprake te zijn van een service level agreement (sla). Over het algemeen is er nauwelijks sprake van harde outcome dienstverlening (rom)


3. Dalende inkomsten in specifieke sectoren
Bepaalde sectoren (zorg) blijven het goed doen, anderen hebben last van 'vraaguitval' om het zo te zeggen. Daarbij kan gedacht worden aan de sectoren die het nu (erg) zwaar hebben in deze aanhoudende economische crises/recessie als de bouw en industrie. Naar de toekomst toe zal met name de publieke sector een kleinere markt worden want (sterk) inkrimpend.Er is sprake van grote sectorale verschillen.

4. Abonnementen, mantel contracten en short lists.
Grote landelijke arbodiensten hebben een duidelijk voordeel bij grote landelijk opererende klanten. Veel dienstverlening wordt middels tenders en mantelcontracten geregeld, zodat kleinere partijen en zelfstandige bedrijfsartsen niet tot nauwelijks in beeld zijn/komen. Toch kan door de grote spelers niet altijd afdoend 'geleverd' worden, waarop middels allerlei detacheringsconstructies ander partijen toch voorzien in deze leemte. Er zijn aanwijzingen dat grote klanten meer naar eigen regie neigen en dus ook meer naar flexibelere inzet en afname bv middels zelfstandige bedrijfsartsen combinaties.

5. sociale media  - e dienstverlening
De arbosector lijkt sterk achter te lopen op het gebied van on line trends en technologie als sociale media en web 2.0. Kennisinformatie is wel steeds beter en goed beschikbaar ( zie arbo portaal), maar de e-arbo dienstverlening an sich staat nog helemaal in zijn kinderschoenen. Daar is nog een wereld te winnen.


6. Klanten gebruiken eigen personeel
Dit is binnen de arbosector al jaren gemeengoed cq de arbowereld is daar in principe vanuit opgegroeid ( denk aan bedrijven als Philips, Hoogovens, Akzo, scheepswerven). De huidige arbosector is juist voortgekomen uit interne arbodiensten. Jarenlang is de vraag geweest of  de 'externe 'arbodiensten het zouden winnen van de interne arbodiensten. De laatste en winnende (?) trend lijkt te zijn dat een groter bedrijf beter af is met een interne dienst. Outsourcing naar een externe arbodienst blijkt op termijn toch meer nadelen dan voordelen te hebben. Op een lager niveau speelt het fenomeen van de - door de overheid verplicht gestelde- preventie medewerker bij een eigen regie model, maar dit lijkt vooralsnog niet boven dat basale niveau uit te (kunnen) stijgen, waardoor 'deskundige bijstand', zoals dat in het arbo jargon heet, noodzakelijk blijft.


7. Sturen op ROI ( return on investment) met stage gating
Projectmatig en resultaat/outcome gericht werken staat binnen de arbodienstverlening nog in zijn kinderschoenen, helemaal bij de bedrijfsartsen. Daar is toch vooral sprake van routine/bulk/uitvoerend werk op dagelijkse basis. Spreekuurconsulten, sociaal medisch overleg, sociaal medisch advies bij reintegratie op individuele casus basis vormt 85-90% van het werk.

Ook het nadenken over outcome en resultaat gericht werken is nauwelijks ontwikkeld. Op zich is/zou er veel kennis en ervaring beschikbaar bij interne arbodiensten (moeten zijn), maar van uitwisseling en disseminatie is nauwelijks sprake. Ook hier is nog grote vooruitgang te boeken

8. Besluitvorming op hoger niveau
Bij de meeste bedrijven en organisaties is de arbodienstverlening op een tactisch/operationele niveau gepositioneerd. Laag in de organisatie dus. Hoofd Pz/Hrm is in het beste geval de hoogst aanspreekbare functionaris aan afnemers kant. Een te laag niveau om strategische discussies te kunnen voeren. De meeste bedrijfsartsen hebben cq zijn zich nauwelijks bewust van hun advies positie en zijn/voelen zich louter verantwoordelijk cq aanspreekbaar op hun uitvoerende routine werk. Ook hier valt nog een wereld te winnen. Bij de grote bedrijven/interne arbodiensten ligt dat vaak anders en kan op RvB niveau worden aangeschoven.

Afsluitend: er valt nog een hele wereld te winnen voor De Nieuwe Bedrijfsarts.

vrijdag 15 juni 2012

Meer H in HRM is van belang, aldus de kersverse nieuw hoogleraar Marc van Veldhoven


Meer H ! veel meer H !

Marc van Veldhoven is een oude bekende in de bedrijfsgezondheidszorg, want een van de motors achter en bij de SKB ( Stichting Kwaliteitsbevordering Bedrijfsgezondheidszorg) en één van de founding fathers van de VBBA vragenlijst. Hij schreef ook een erg aardig boekje - al weer wat jaren geleden namelijk 2001 met de prachtige titel Te moe voor het paradijs - over werkstress: tussen weten en doen.

Recent is hij doorgestegen in de wetenschappelijke hierarchie naar de plek van hoogleraar; in dit geval aan de Universiteit van Tilburg, te waar hij zich vooral richt op de H kant van de HRM. Kortom: een gisse denker en dus interessant voor De Nieuwe Bedrijfsarts. Binnenkort meer achtergrondnieuws over hem. Via de SKB is zijn oratie op te vragen

Alvast onderstaand het bijbehorende persbericht - bron : universiteit Tilburg:

‘Meer H in strategisch HRM’



Oratie arbeidspsycholoog Marc van Veldhoven
Binnen het vakgebied van strategisch Human Resource Management (HRM) schiet de aandacht voor de individuele werknemer tekort. Door een brug te slaan met de arbeidspsychologie, kan een betere relatie gelegd worden met het individuele gedrag van de werknemer en hierdoor met de doelen van de organisatie. Dat betoogt hoogleraar Marc van Veldhoven op vrijdag 20 april bij de aanvaarding van de leerstoel Werk, Gezondheid en Welbevinden aan Tilburg University.

Strategisch HRM heeft betrekking op alle activiteiten van het management van een organisatie die erop zijn gericht de organisatiedoelen te behalen met behulp van werknemers. Maar daarbij wordt vaak meer gekeken naar de inspanning van alle werknemers gezamenlijk als een soort ‘arbeidspotentieel’, dan naar de inspanning van individuele werknemers. En dat terwijl werk uiteindelijk neerkomt op het bloed, zweet en tranen van individuen, en hun onderlinge afstemming . In strategisch HRM ontbreekt het hierdoor aan inzicht in het fundament van de beoogde organisatieprestaties: het werkgedrag. Zonder dit fundament ‘gaat strategisch HRM niet over mensen, maar over mensen heen’, aldus Van Veldhoven.

Binnen de arbeidspsychologie is juist veel kennis opgebouwd over hoe bepaalde werkkenmerken leiden tot gezondheid, welbevinden en werkgedrag van individuele werknemers, maar die kennis wordt niet altijd toegepast. Zaken als overnames en fusies krijgen nogal eens meer prioriteit, of het leveren van nieuwe producten of diensten, het invoeren van nieuwe technologieën, enzovoort. Terwijl het succes hiervan uiteindelijk toch ook vaak weer afhangt van individueel werkgedrag. Dat er weinig wordt gedaan met de kennis uit hun vakgebied komt deels doordat arbeidspsychologen op hun beurt onvoldoende aansluiten bij het strategische niveau van de organisatie.
Van Veldhoven stelt voor om strategisch HRM en arbeidsgedrag met elkaar te verbinden in drie stappen: van strategisch HRM van de organisatie naar (de beleving van) individuele werkkenmerken, van individuele werkkenmerken naar de individuele keuze zich in te spannen voor de organisatiedoelen, en tenslotte van individuele inspanning naar organisatieprestaties. Voor ieder van die stappen zal nog veel onderzoek nodig zijn, waar Van Veldhoven en zijn collega’s al aan werken.

Prof. dr. Marc van Veldhoven  (1963) studeerde klinische en gezondheidspsychologie in Tilburg (1987, cum laude) en werkte ook 4 jaar als student- en onderzoeksassistent bij deze vakgroep. Van 1988-1997 werkte hij als psycholoog/onderzoeker bij de BGD West-Brabant, later onderdeel van Arbo-Unie. In 1996 promoveerde hij als buitenpromovendus aan de Universiteit Groningen. Van 1997-2002 was hij onafhankelijk adviseur (Van Veldhoven Consultancy BV), wat hij combineerde met werkzaamheden als senior onderzoeker bij de KU Nijmegen (vakgroep arbeids- en organisatiepsychologie) en bij de Stichting Kwaliteitsbevordering Bedrijfsgezondheidszorg (SKB/Amsterdam). Sinds 2002 werkt Marc bij het departement HR studies van Tilburg University.

Noot voor de pers
Prof. dr. Marc van Veldhoven spreekt zijn oratie uit op vrijdag 20 april om 16.15 uur in de aula van Tilburg University. Titel rede: Over knipogen, badkuipen en kampeertenten: Arbeidsgedrag als fundament van strategisch HRM. Voor meer informatie en interviewverzoeken kunt u contact opnemen met persvoorlichter Corine Schouten, tel 013 – 466 2993, email persvoorlichters@uvt.nl.

zondag 10 juni 2012

Strategische overdenkingen over de bedrijfsarts - deel 1

Zorg professional of zakelijke dienstverlener ? 
Veel bedrijfsartsen leven nog steeds in de veronderstelling dat de bedrijfsarts in eerste instantie een 'dokter' is en dus in de zorg thuis hoort, in plaats van dat hij/zij dienstverlener is in de zakelijke markt. Deze werkelijkheid wordt het liefst categorisch genegeerd. Dat blijkt bijvoorbeeld uit het NVAB gedachtegoed vertaald in one liners als 'de bedrijfsarts is een dokter als alle dokters' en ' het dokter zijn is dé unique selling point van de bedrijfsarts'. 

Bedrijfsarts in het basispakket ? Mantra 's !?!
Velen schijnen te denken dat als je maar lang genoeg herhaald dat: sociaal medische begeleiding, toch ook eigenlijk behandeling is én dus zorg én dus ook verzekerde zorg volgens de zorgverzekeringswet én dat daarmee de handelingen/activiteiten van de bedrijfsartsen (voor een deel) vergoed zouden kunnen worden uit het basispakket, dat het dan ook vanzelf werkelijkheid wordt. Een bijzondere vorm van wens of mantradenken. Maar sprookjes bestaan niet.Toch blijkt de meerderheid van de bedrijfsartsen deze misvatting nog steeds anno mei 2012 aan te hangen, getuige een enquete op de laatste BGD dagen.

NVAB blijft in de (medische) box
Als de analyse van de situatie al niet klopt, kan het met de strategie dus ook niets worden. De NVAB blijft in zijn eigen (medische) box hangen en zit op dood spoor. Veel werk aan de winkel voor de nieuwe voorzitter.


Grijs, grijzer, grijst
Als toefje op deze pudding werd recent de langverbeide rapportage Profiel en producten van de bedrijfsarts gepresenteerd, een co productie naar het schijnt tussen Han Willems (presentator van het stuk en tegenwoordig beleidsmedewerker KNMG) en het Kwaliteitsbureau NVAB. Ik verwijs voor de details naar het stuk ( zie link NVAB bijeenkomsten voorjaarsvergadering 2012).


Onthutst
Laat ik van mijn hart geen moordkuil maken en het in goed engels stellen: i was completely embarrased. Een grijzere presentatie van mijn vak(gebied) kan ik me niet voorstellen. Geen wonder dat er niemand meer voor ons/mijn vak kiest !

Bij de titel gaat het al mis: bedrijfsartsen leveren geen producten af, maar verlenen diensten !

Lees en bekijk de presentatie: profiel en producten van de bedrijfsarts, specialist voor arbeid en gezondheid


Binnenkort een uitgebreider commentaar op deze belangwekkende presentatie.

zondag 3 juni 2012

De Nieuwe Bedrijfarts - Tussenstand na 1 jaar : weblog DNB - 100 hits per dag

Tussenstand 1 jaar na het Manifest De Nieuwe Bedrijfsarts
Tijd voor een terugblik en een kijkje in de vooruit.


Het Manifest - mei 2011

In mei 2011 werd het Manifest De Nieuwe Bedrijfsarts gepubliceerd. Het onthaal was eigenlijk boven verwachting positief te noemen, vanuit de ervaring dat bedrijfsartsen niet als grote innovators/vernieuwers bekend staan.

Drie conferenties - mei - juni 2011
In mei en juni was het onderwerp van gesprek op een drietal invitational conferences in samenwerking met de Falke en Verbaan Groep met als leidende vraag: Bedrijfsarts, Quo Vadis ?


Artikel Medisch Contact - okt 2011
Meer ruchtbaarheid aan het zich ontwikkelende gedachtegoed kwam middels een interview/bespreking in Medisch Contact onder de titel: Bedrijfsartsen kijken te weinig naar gedrag ( MC 2012- nr 42 - 21 oktober 2011) wat goed werd ontvangen.


Weblog De Nieuwe Bedrijfsarts - nov 2011
In november 2011 ging de weblog De Nieuwe Bedrijfsarts ' de lucht in'. Het aantal hits lag bij de start op 10-20 per dag, in de maanden januari en februari steeg dit naar 50-80.

10.000 hits grens - mei 2012 - binnen zes maand - 100 hits per dag
In mei 2012 werd de historische grens van 10.000 hits bereikt ( in zes maand tijd !) met een gemiddelde van nu 100 hits per dag. Op dit moment zijn 125 berichten gepubliceerd. Meest bekeken waren, naast het Manifest De Nieuwe Bedrijfsarts, de berichten over :
* de tien meest en minst gevraagde beroepen
* de verzuimpolitie
* overname Achmea door Zorg voor de Zaak netwerk
* wie is Marius Touwen ?
* visitatie van bedrijfsartsen
* NVAB strategie op dood spoor


Hoe nu verder ? 
De Werkplaats DNB opgericht - workshops in aantocht
Het adagium van De Nieuwe Bedrijfsarts (DNB) is: het moet anders,en het kán anders ! Van expert naar adviseur. Daarom is recent De Werkplaats DNB opgericht - broedplaats voor nieuwe ideeën en instrumenten. In deze virtuele projectengarage staan op dit moment meerdere projecten op de brug waaronder
* competentie ontwikkeling: aanpassing Canmeds model met advies kant
* model en instrument ontwikkeling: handboek DNB - versie 1
* workshop DNB - de basis - pilot gaat in het najaar van start - doel: 2-4 x workshop in 2013
* uitbreiding van weblog DNB met meer onderzoeksjournalistieke inbreng

Mogelijke belangstellenden voor de workshop kunnen dit kenbaar maken via het email adres: denieuwebedrijfsarts@gmail.com











Workaholisme

Van hard werken gaat niemand dood, is een oud gezegde;maar te hard werken heeft ook zo zijn nadelen blijkt uit recent onderzoek.

bron: Zorgvisie  - 18 mei 2012
Voor managers en hogere professionals is het oppassen geblazen. Zij zijn het meest gevoelig voor verslaving aan werk. Daarentegen komt workaholisme onder verpleegkundigen, paramedici en hulpverleners het minst voor.
Dit blijkt uit nieuw onderzoek onder 9.000 werkende Nederlanders. Het is uitgevoerd onder leiding van Wilmar Schaufeli, hoogleraar Arbeids- en organisatiepsychologie aan de Universiteit Utrecht en senior adviseur bij 365/Zin. Zijn onderzoek laat zien wie precies de workaholics in Nederland zijn.

Sector bepalend

'Workaholisme is een onweerstaanbare innerlijke drang om overmatig hard te werken’. Schaufeli’s onderzoek toont aan dat zo’n werkverslaving niet leeftijdsgebonden is. En het komt net zoveel voor onder mannen als vrouwen en loonwerkers en zzp-ers. Wat wel uitmaakt is de sector of het beroep waarin iemand werkzaam is.

Workaholisme is het hoogst in de landbouw, bouw, communicatie, consultancy en in de handel en het laagst in de dienstverlening, wetshandhaving, medische- en sociale sector en bij overheidsdiensten. Qua beroep scoren managers en hogere professionals het hoogst op workaholisme. Verpleegkundigen, paramedici en hulpverleners scoren het laagst.

Obsessie

Onderzoeksleider Schaufeli laat aan P&O Actueel weten dat workaholics niet werken omdat zij zoveel plezier hebben in het werk, maar omdat zij het gevoel hebben dat ze dit ‘moeten’ en omdat het niet genoeg is. Ook werken ze tot laat, denken ze obsessief veel aan hun werk en doen ze veel meer dan de werkgever van hen verwacht.

Dat lijkt misschien gunstig voor een werkgever. Maar volgens Schaufeli raken werkverslaafden op de lange termijn uitgeput en krijgen een burnout. En wanneer mensen extreem veel werken, is het nog maar de vraag in hoeverre de productiviteit stijgt. Ze verzanden in details die veel beter door iemand anders uitgevoerd hadden kunnen worden.

Klachten

Workaholisme heeft ook een positief effect: namelijk dat mensen sneller carrière maken en meer geld verdienen. Maar daar blijft het ook bij. Want de mogelijke negatieve effecten zijn niet mals: slecht slapen, hoofdpijn, buikpijn, schouderpijn, vervreemding, gezinsproblemen en relatieproblemen.

bron: Zorgvisie - Rachel van de Pol - 18 mei 2012

Deel 2: hoe herken je een workaholic ? Tien manieren om een workaholic te herkennen
bron: 16 mei 2012 - nursing.nl


Heb jij een collega of werkgever die nooit iets uit handen wilt geven, geen nee kan zeggen en obsessief bezig is met het werk? Wellicht heb je met een workaholic te maken.

Een 'workaholic' heeft een onweerstaanbare innerlijke drang om overmatig hard te werken. Behalve snel carrière maken en dus meer verdienen, heeft een werkverslaving vooral negatieve effecten voor de betrokkene en zijn naasten. Zaak dus om oplettend te zijn en eventueel in te grijpen als een collega de volgende kenmerken vertoont:

1. Werken letterlijk dag en nacht
2. Zijn blij dat het weekend is zodat ze achterstallig werk kunnen inhalen.
3. Houden nooit lunchpauze
4. Vergeten verjaardagen: belangrijke vergaderingen gaan voor
5. Geven liever niets uit handen. Zij zijn de enige die het werk goed kunnen doen.
6. Gaan door met wat ze doen, ook als daardoor de werk-privébalans wordt verstoord
7. Verzanden in details die beter door iemand anders uitgevoerd kunnen worden.
8. Kunnen maar moeilijk ‘nee’ zeggen en zijn altijd overladen met projecten
9. Voelen zich schuldig en gestrest als ze niet altijd bezig zijn met werk, ook op vakantie en in de weekenden.
10. Presteren veel harder dan redelijkerwijs verwacht mag worden, zelfs wanneer ze het geld niet meer nodig hebben.

bron: nursing.nl 16 mei 2012

Deel 3: ben je zelf ook een workaholic ? check en doe de workaholic test

woensdag 30 mei 2012

Arbeidsvitamine - reprise ! Een nieuwe dag van Lange Frans - lijflied voor werkend Nederland


Een nieuwe dag van Lange Frans

Gisteren weer eens gehoord
Prachtig gerapt lied
luistert:


Dit lied is voor de krantenjongen
Middenin de nacht begonnen, de eerste die ik 's morgens zie
En ook voor de chirurg, die vandaag moet opereren
Een beroemde voetballer z'n knie
Voor m'n mannen in de bouw, op de steiger in de kou
Als het bejaardenhuis ontwaakt
En voor de rapper, als mezelf, aan z'n eerst kopje koffie
Voor ie op is al een liedje heeft gemaakt
Voor een behanger die voor dag en dauw begonnen is
Om half acht al vijftien rollen heeft geplakt
En voor het meisje dat om half negen rijexamen heeft
En al om kwart voor negen is gezakt

Want heey, hier komt weer een nieuwe dag
Heey, dit is weer een nieuwe dag (een nieuwe dag voor jou en mij, ah)
Heey, hier is weer een nieuwe dag (hey)
Hier komt weer een nieuwe dag, een nieuwe dag, een nieuwe dag
Een nieuwe dag

Dit lied is voor Roxanne, uit de nachtdienst
Ze dooft haar rode licht en ze sluit haar raam
En voor Peter die z'n vrouw die zwanger is
Een kopje thee brengt als ze zegt 'De baby komt eraan'
Voor de studenten in de kroeg, twintig bier was echt genoeg
Nu op de fiets naar het shoarmapaleis
Waar Memmet op ze wacht, nog gebroken van de nacht
Maar met liefde het vlees voor ze snijdt
En voor de basisschooljuf, die met frisse moed begint
In een klas waar ze het never nooit redt
En voor het winkelpersoneel, die staan te wachten op de baas
Hij is te laat, dan nog maar een sigaret
En voor de schoonmakers op Schiphol, drie uur vliegtuigen
De rommel moeten ruimen van de eerste passagiers
En voor de moeder op de fiets, wind tegen, in de regen
Brengt haar kind naar school, ze heeft nog een kwartier

Want heey, hier komt weer een nieuwe dag
Heey, dit is weer een nieuwe dag (een nieuwe dag voor jou en mij, ah, ah)
Heey, hier is weer een nieuwe dag
Hier komt weer een nieuwe dag, (een nieuwe dag) een nieuwe dag, ooh, een nieuwe dag
Een nieuwe dag

En voor Harry die gaat vissen met z'n vrienden
Op de allereerste dag van Harry's welverdiend pensioen
En voor het stel dat voor de tweede keer gaat trouwen
Omdat ze weer van elkaar houden en het over willen doen
En voor de advocaat die iemand moet verdedigen
Waarvan jezelf denkt 'Je hebt het wel gedaan'
Voor alle dertigers die 2Pac en Biggie
Nog helder op hun netvlies hebben staan
En voor een vrachtwagenchauffeur
Zonder belastinginspecteur en de dame van de stomerij
Begeleiders van gehandicapte kinderen
De roker die moet minderen, de koeien in de wei

Want heey, hier komt weer een nieuwe dag (yeah, ah)
Heey, dit is weer een nieuwe dag (gister is geweest, we moeten verder)
Heey, hier is weer een nieuwe dag (een nieuwe dag, een nieuwe dag)
Hier komt weer een nieuwe dag, een nieuwe dag, een nieuwe dag (ah, ah, yeah)
Een nieuwe dag, een nieuwe dag (gister is geweest, we moeten verder)

Dit is weer een nieuwe
Klaar voor een nieuwe
Fris voor een nieuwe
Frans voor een nieuwe
Jeroen voor een nieuwe
Jij voor een nieuwe, ah
Gister is geweest, we moeten verder

dinsdag 22 mei 2012

Bedrijfsarts 2.0 - de zes kenmerken


Bedrijfsarts 2.0 - klaar om te kiezen ?

Crises ?! welke crises ?
De wereld om ons heen verandert dramatisch snel, maar de bedrijfsarts én NVAB bewegen niet mee. Vastgeklonken aan oude vertrouwde, maar overleefde paradigma’s en versleten, uitgewoonde denkschema’s. Het is hoog tijd om wakker te worden. Want de klant (de werkgemeenschap)verdient beter.

Bedrijfsarts, quo vadis ?
In de traditionele arbodienstverlening is de bedrijfsarts ‘omgevormd’ tot een schadelastadviseur. Een Wvp dokter met de spreekkamer op de arbodienst als zijn natuurlijke habitat. Werkend en denkend vanuit een verzekeringsconcept ingebed in een Wvp traject. De klant krijgt wel een antwoord, maar geen oplossing. Maar ja wat, als zo meteen de Wvp wordt afgeschaft ? Dan is deze arbo-arts out of business.

De bedrijfsarts nieuwe stijl à la de NVAB is een ‘dokter als alle dokters’, want het probleem wordt medisch gedefinieerd en dus is de bedrijfsdokter dé oplossing. Sociaal medische begeleiding – is volgens deze gefabuleerde redenering – ook behandeling én dus zorg. Maar sinds Copernicus is al bekend dat de wereld niet om de dokter, maar om de zon (lees: de klant) draait. De arbodienst wordt ingewisseld voor gezondheidscentrum, maar daarmee is de bedrijfsarts à la de NVAB nog steeds niet óp de werkvloer en ín het bedrijf te vinden !

Bedrijfsarts 2.0
Het betere alternatief is de organisatiegerichte bedrijfsarts: de bedrijfsarts 2.0. De bedrijfsarts is in dit concept een sociaal-geneeskundige die het wel en wee van de werkgemeenschap kent en bovenal een vaardig bedrijfsadviseur is. Het domein van de bedrijfsarts is het werk, het bedrijf, de organisatie (niet de spreekkamer). Haar natuurlijke counterpart is dus niet de gezondheidszorg, huisarts of medisch specialist, maar het management van het bedrijf, de OR, de afdeling human resource management, de organisatieadviseur.
De bijsluiter: De specificaties van de bedrijfsarts 2.0 zijn even simpel als voor de hand liggend:
1.       Werken op locatie: Zonder goede input( informatie, communicatie) geen output ( werkzaam advies). Werken op locatie bij elke klant ( juist ook in het MKB) is een niet alleen een vanzelfsprekendheid, maar bovenal een noodzakelijke randvoorwaarde.
2.       Eigen regie voorop: het bedrijf, de werkgemeenschap is zélf portefeuillehouder en dus is het verhogen van het eigen oplossingsvermogen het doel van advisering.
  1. Maatwerk: geen bedrijf, geen organisatie is hetzelfde. Bij elk bedrijf moet (steeds opnieuw) ontdekt worden wat de sleutel tot succes is. Zonder maatwerk werkt het niet. Dus er is een per definitie een groot verschil in aanpak tussen bijvoorbeeld MKB en groot bedrijf,en tussen branches als bouw,onderwijs, metaal of zorg.
4.       Interventiegericht van A naar Beter: De vraag en behoefte van het bedrijf(de klant) is leidend en sturend. Raadgevend, coachend, adviserend wordt interventiegericht van A naar Beter gewerkt. Of om het met Cruijff te zeggen: als je wilt scoren, moet je schieten. Dus er is geen plaats voor het veelvertoonde arbo-circulatie-voetbal.
5.       Systeem benadering: advies op alle niveaus: de bedrijfsarts adviseert niet alleen de individuele medewerker ( tijdens spreekuur)of afdeling ( tijdens smt) maar legt juist de verbanden tussen alle de drie niveaus, individueel, functie/afdeling/team én management/organisatie.
6.       Slim: geen standaard antwoorden/formulieren ( zoals fml), maar slimme concrete praktische oplossingen moet het resultaat zijn.

Voor de goede orde: het concept bedrijfsarts 2.0 is niet overal toepasbaar, want het vereist een sterke ambitie tot permanente verbetering, een pro actieve aanpak en een systeembenadering ,bij zowel het bedrijf, als bij de bedrijfsarts. Anders gesteld: het is niet voor elk bedrijf hét geschikte antwoord, noch is elke bedrijfsarts ( ook niet à la de NVAB !) geschikt om in dit concept te denken en te werken.

Tja, dokter was je al (want dat overkwam je), maar bedrijfsarts 2.0 is een keuze !

Top tien stress signalen - welke scoort U ?


Top-10 stresssignalen - bericht uit 2006: verouderd -of nog immer actueel ?

Arbeidsverzuim wordt in bijna de helft van de gevallen veroorzaakt door stress. Managers reageren daar niet adequaat op. Dat constateert brancheorganisatie Nobol uit eigen onderzoek (2006). De organisatie inventariseerde voor intern gebruik door de leden de stressproblematiek in het bedrijfsleven. 

Stress is onnodig vaak een oorzaak voor langdurig verzuim, vindt voorzitter Roeland Doornbosch van Nobol. Als werkgevers de signalen van stress leren herkennen, dan kunnen ze stress bij hun medewerkers beter beheersbaar maken.

Onhandigheid
Te vaak werken dit gebrek aan kennis en onhandigheid in de omgang met werknemers arbeidsconflicten in de hand, constateert Doornbosch. Het management signaleert stress te laat en reageert er vaak niet adequaat op.

Top-10
Uit het onderzoek destilleert Nobol de volgende top-10 van stresssignalen:
1. Vermindering van de productiviteit
2. Regelmatig te laat komen
3. Afspraken en belangrijke informatie vergeten
4. Meer fouten maken dan gebruikelijk
5. Snel afgeleid
6. Snel geëmotioneerd
7. Meer roken en koffie drinken
8. Besluiteloosheid
9. Zichtbare vermoeidheid
10. Lichamelijke klachten

Bron: Zibb - 2006

Top tien stress beroepen - ook in Nederland ?

Top tien - stress beroepen - zal Nederland er veel van afwijken ?

Zeurende klanten, onregelmatige uren, enorme werkdruk,... Je beroep kan behoorlijk wat stress met zich meebrengen. Dit zijn de 10 meest stressvolle beroepen ter wereld.
De top 10 werd uit 21 grote beroepscategorieën samengesteld en verkozen tot de meest stressvolle sectoren anno 2011. Volgens Dr. Deborah Legge, een gedragstherapeut in Buffalo (New York), heeft een stressvol beroep zowel zijn voor- als nadelen: "Bij elk beroep zijn er verschillende factoren die spanning met zich meebrengen. Maar dat betekent nog niet dat je daarvoor je job zou moeten opgeven. Meer nog, mensen met een stressvoll beroep zijn zelfstandiger en leren hoe ze efficiënt problemen oplossen."

1. Bejaarden- en kinderverzorgers
Met stip op nummer 1 staan de bejaarden- en kinderverzorgers. Maar liefst 11 procent van hen krijgt tijdens hun loopbaan te kampen met een depressie. Zij zijn de hele dag in de weer om voor anderen te zorgen: eten geven, wassen en verzorgen behoren tot de dagdagelijkse taken. "Wie in deze sector werkt, heeft er vooral moeite mee om anderen te zien lijden: hulpbehoevenden hebben pijn, zijn ziek en kunnen niet (meer) voor zichzelf zorgen. Bovendien krijgen ze amper feedback." zegt Christopher Willard, klinisch psycholoog aan Tufts University en auteur van het boek 'Child's Mind'.

2. Horecapersoneel
Op nummer 2 staat het horecapersoneel. Ze zijn vaak onderbetaald en kloppen geregeld overuren in een omgeving waar anderen hen elke dag vertellen wat ze moeten doen. Ongeveer 10 procent kreeg in het voorbije jaar te kampen met een zware depressie, terwijl dat getal bij de vrouwen net iets hoger ligt: 15 procent. Volgens Legge is werken in de horeca een erg ondankbare job: "Het is niet alleen een bijzonder uitputtende job, ontevreden klanten kunnen ook erg onbeleefd uit de hoek komen. Wanneer mensen last hebben van een depressie, hebben ze zelden genoeg energie om de dag door te komen en is het voor hen moeilijk om gemotiveerd te blijven."

3. Maatschappelijk werkers
Maatschappelijk werkers krijgen elke dag te maken met onder andere probleemgezinnen en misbruikte of verwaarloosde kinderen. Willard: "Deze mensen moeten opofferingen maken doordat ze op ieder moment van de dag klaar moeten staan. Als je elke dag ontzettend hard je best doet om anderen uit de problemen te helpen, dan begint dat na verloop van tijd aan je te vreten. Door de overvloed aan problemen en het hoge werktempo krijgen maatschappelijk werkers vaak te kampen met een burn out."

4. Gezondheidszorg
Deze groep omvat dokters, verplegers, therapeuten en alle andere beroepen waar mensen elke dag het beste van zichzelf geven, zonder zichzelf ook maar een beetje te sparen. Zij hebben vaak lange, onregelmatige werkuren en dragen een grote verantwoordelijkheid met zich mee: het leven van patiënten ligt letterlijk in hun handen. Dat laatste brengt volgens Willard ontzettend veel stress met zich mee: "Deze mensen staan elke dag oog in oog met zieke mensen, ze moeten slecht nieuws brengen aan families en zien patiënten sterven. Deze triestige gebeurtenissen kunnen hun wereldbeeld volledig omgooien."

5. Artiesten, entertainers en schrijvers
Een onstabiel loon, onzekere uren en isolatie. Dat zijn de meest stresserende factoren die deze beroepen met zich meebrengen. Creatieve mensen kunnen vatbaarder zijn voor stemmingsstoornissen. Legge: "Bij artiesten en entertainers zie je regelmatig bipolaire stoornissen terugkomen. Depressies komen hier regelmatig voor. De link met hun ietwat ongewone levensstijl is daarom snel gelegd."

6. Leerkrachten
Wanneer de schoolbel rinkelt, zit voor leerkrachten de werkdag er nog lang niet op. Zij nemen hun huiswerk gewoon mee naar huis. Willard: "Er is van buitenaf veel druk: de school, ouders en leerlingen stellen allemaal hun eisen en geven hun eigen mening. Dit maakt het voor leerkrachten dikwijls moeilijk om hun ding te doen, iets wat de nodige kopzorgen met zich meebrengt."

7. Administratief bedienden
Er wordt veel van hen verwacht maar zelden hebben ze de touwtjes zelf in handen. Deze mensen krijgen langs alle kanten belangrijke opdrachten binnen die ze tot een goed einde moeten brengen. Legge: "Administratief bedienden staan op helemaal onderaan de ladder als het over controle gaat. Zij kunnen amper zelf beslissingen maken en moeten alles met hun overste aftoetsen. Ze hebben vaak onvoorspelbare dagen en soms krijgen ze met verrassende situaties te maken waar niet direct een standaardoplossing voor bestaat."

8. Onderhoudswerkmannen
Onderhoudswerkmannen worden gebeld wanneer er iets foutloopt. Hun job bestaat er dus uit om elk probleem zorgvuldig en tegelijkertijd snel op te lossen. Ze werken op onregelmatige tijdstippen, kloppen avond- en nachtposten, zijn soms seizoensgebonden en hun schema's worden regelmatig omgegooid. Ze zijn vaak onderbetaald voor het werk dat ze dagelijks verzetten: het is een uitputtende job waarin ze elke dag andermans problemen moeten repareren. "Soms voelen de werknemers zich geïsoleerd van hun collega's en bovendien brengt hun werk de nodige risico's met zich mee. Een ongeluk is in deze sector snel gebeurd." aldus Willard.

9. Financieel adviseurs en boekhouders
Stress, stress en nog eens stress. Dagelijks met duizenden of zelfs miljoenen euro's van andere mensen bezig zijn brengt ongetwijfeld de nodige stress met zich mee. "Deze mensen dragen een grote verantwoordelijkheid voor andermans geld met zich mee terwijl ze zelf geen controle hebben over de markt." zegt Legge. "Wanneer klanten geld verdienen, gaat dat gepaard met schuldgevoel. Het gebeurt ook regelmatig dat misnoegde klanten hen de levieten komen lezen, terwijl zij op elk moment hun kalmte moeten bewaren."

10. Verkopers
Verkopers vervolledigen de top 10 van de meest stresserende beroepen. Veel verkopers leven van een commissieloon, dat wil zeggen dat zij nooit helemaal zeker zijn hoeveel ze iedere maand zullen verdienen. Ze zijn vaak op de baan waardoor ze minder tijd kunnen doorbrengen met hun familie en vrienden. Het gaat om een zeer zelfstandig beroep, maar meestal wegen de voordelen niet op tegen de nadelen die het vak met zich meebrengt. Legge: "Lange uren, prestatiedruk en constante onzekerheid over inkomen: deze factoren brengen dagelijks stress met zich mee."(kgm)

donderdag 10 mei 2012

Visitatie voor bedrijfsartsen à la de NVAB – wat kan en moet je ermee ?



Binnenkort – om precies te zijn over 7 weken – moet ook ik ‘opdraven’ voor de visitatie – model NVAB. Om eerlijk te zijn kijk ik daar met gemengde gevoelens naar uit.  

Open brief met verzoek tot uitstel
Al in 2008 heb ik namelijk in een open brief aan de NVAB voorgesteld om deze exercitie uit te stellen omdat ik het inhoudelijk niet deugdelijk én afdoende voldragen vond.

Daar heb ik overigens nooit een officiële reactie op mogen ontvangen. Maar even zo goed heeft de ALV van de NVAB op 5 november 2008 met meerderheid van stemmen voor het NVAB voorstel van visitatie gekozen. Naar verluid met 56 stemmen voor en twaalf tegen. Verplichte visitatie als onderdeel voor herregistratie per 1 jan 2011 was daarbij een feit. Ben ik tegen visitatie ? Nee, in het geheel niet, maar dit model is onvoldragen. Waarom ?

Kwaliteitsvragen
In mijn kritiek heb ik me laten leiden door de twee basale kwaliteitsvragen:
  1. doen we de goede dingen, en
  2. doen we de dingen die we doen, goed ?

Kritische kanttekeningen
Samengevat had ik de volgende kritiekpunten:
  1. de huidige opzet voldoet niet in één van haar hoofddoelstellingen van de NVAB (doelstelling nummer 3):  het voorkomen van ondermaats functioneren. Deze is namelijk op geen enkele manier geoperationaliseerd. De aanname daarbij lijkt  te zijn: als wij ( de voorhoede) nu ons best doen, volgt de rest (achterhoede) vanzelf. In de praktijk komt het erop neer dat de visitatie bewerkstelligt dat de‘goeden’ de bevestiging en waardering voor hun goede functioneren krijgen. De middengroep wordt middels het middel visitatie verder opgewaardeerd - dat is de echte winst. De ‘ondermaatsen’ ( statistisch te verwachten aantal: minimaal 50) blijven ongemoeid en kunnen ongedeerd door de te grote mazen van het visitatienet zwemmen, hetgeen de NVAB mede verantwoordelijk maakt voor deze underperformance.
  2. de visitatie is onvoldoende geborgd en geïncorporeerd in de nu operationele kwaliteitssystemen, wat juist vanuit kwaliteitsoogpunt onwenselijk is
  3. de huidige opzet houdt te weinig rekening met de grote verschillen in werksetting van de bedrijfsartsen en met name van de zelfstandig opererende bedrijfsartsen
  4. de verwachte uitkomsten staan niet in verhouding tot de gevraagde inspanningen van zowel de bedrijfsartsen als derden. Bij een economische activiteit van ruim 2 miljoen euro op jaarbasis had men een duidelijker omschreven resultaat mogen verwachten. 
  5. Het Canmeds model - variant KNMG (beschrijving in werkvelden ipv rollen zoals in het originele Canmeds model) is niet bruikbaar in de bedrijfsartsen praktijk. De uitwerking is voornamelijk intentioneel van aard en niet verder geoperationaliseerd naar de praktijk.Wensdenken gaat voor werkelijkheid. Voorbeeld: 'de bedrijfsarts vertoont adequaat persoonlijk en interpersoonlijk professioneel gedrag'. Kan iemand mij uitleggen wat daar precies mee bedoeld wordt ? wanneer is het gedrag van de professional adequaat te noemen, wanneer niet meer en waar zit de nuance ? En zo staan er per  elk van de zeven werkvelden ( medisch handelen, communicatie, samenwerking, kennis en wetenschap, maatschappelijk handelen, organisatie en professionaliteit) steeds vier van dergelijke intentionele container statements.
Het NVAB visitatiemodel is toch bovenal een gemiste kans. Het had met evenveel gemak zoveel beter gekund.

Alternatieve visitatie modellen kwamen niet door de eigen gemaakte NVAB ballotage
In reactie op het NVAB model zijn meerdere partijen waaronder Arboned en de Werkplaats aan slag gegaan om betere alternatieven te ontwerpen, nadat dat een bezwaar procedure bij het College voor Sociale Geneeskunde (CSG) daarvoor de mogelijkheid had geopend. Maar ‘de alternatieven’ hebben zich echter totaal verkeken op de bereidwilligheid én het innovatief vermogen van de NVAB. Aangezien de NVAB van het CSG zelf de regels voor alternatief modellen mocht vaststellen is tot op heden geen ander model door de NVAB ballotage heen gekomen. Een mooi voorbeeld van hoe de slager zijn eigen vlees keurt.

Terug naar huidige tijd:

Ik ben nu ruim zes maand met dat visitatie model  à la de NVAB in de weer, want mijn herregistratie als bedrijfsarts hangt daarvan af. Het CBO computersysteem werkt goed en maakt alles mooi overzichtelijk. Een dikke plus voor de technische kant dus.

Echt problematisch voor mij is én blijft de cornerstone van het KNMG visitatie systematiek: het Canmeds model met haar zeven werkvelden. Dit model past niet in mijn professionele werkelijkheid. Zo kan ik mijn advies werk niet goed in het model kwijt en dat is al gauw 40% van mijn werkzaamheden.Veel van mijn activiteiten en werkzaamheden zijn namelijk niet te beschrijven als medisch handelen. Het model is teveel geënt op het medisch specialistisch werken, én voor sociaal geneeskundig denken, handelen en advisering is onvoldoende plaats. De wereld van de bedrijfsarts is nu eenmaal totaal anders dan die van een medisch specialist ( uroloog, chirurg, orthopeed, of psychiater). Het enige wat ons eigenlijk bindt is dat we allen in het verleden een basale medische opleiding hebben genoten.


Nu ben ik een echte modellen man. Goede modellen zijn prettig, handig en functioneel: ze vatten complexe zaken samen, vereenvoudigen zodat je door de bomen het bos weer kunt zien, geven inzicht en ruimen op. Dit model klemt en schuurt daarentegen. Het irriteert en werkt tegen. Kortom: het past niet bij mij. Het is niet functioneel, en is niet werkbaar. Breder gekeken: het KNMG Canmeds model standaardiseert, uniformeert en formatteert de opleiding, bij en nascholing, de visitatie en dus op termijn het gehele denken en handelen van de medische professional. Waar een verkeerde mal wel niet toe kan leiden !

Hetzelfde geldt voor de richtlijnen audit. Ik denk, handel en beslis blijkbaar anders dan de richtlijnenmakers hebben bedacht. Maak andere keuzes. Voldoe dus niet aan de ‘heilige schrift’ van de richtlijnenmakers, en dat schijnt te moeten.

Gemengde gevoelens: 28 juni 2012 is de dag
Gemengde gevoelens schreef ik toch ?  Ja zeker: de niet zo positieve gevoelens zijn bovenstaand ruim aan bod gekomen. De plezierige zijn nog in aantocht. Want ik kijk bijzonder uit naar de visitatie live op donderdagmiddag 28 juni vanaf 13.30 uur te Rotterdam. Dat wordt een interessante wedstrijd. De werkelijkheid (DNB- De Nieuwe Bedrijfsarts in het geel) versus de regels (NVAB in het groen): wie wint ? De uitslag kunt U lezen op 29 juni op dit weblog.