donderdag 30 april 2015

Discussie over loondoorbetaling bij ziekte - meer weten ?

Al ruim anderhalf jaar speelt de discussie over loondoorbetaling bij ziekte. Aanvankelijk alleen bij de insiders. Getuige de TPE digitaal mini special daarover ( zie verdere hieronder). Meer weten:




Inleiding: Loondoorbetaling bij ziekte

Pierre Koning
 
 
Sinds 2003 is sprake van een spectaculaire daling in de jaarlijkse instroom in ziek-te- en arbeidsongeschiktheid, van circa 120 duizend in 2002 naar circa 40 duizend personen nu. De Jong en Velema (2010) spreken in dit verband dan ook wel van de overgang van het ‘WAO-debakel’ naar het ‘WIA-mirakel’.1

Dit stemt velen tot tevredenheid, en trekt inmiddels ook in het buitenland volop de aandacht. Het stelsel is niet alleen strenger geworden en omgeven door meer keuringshobbels – denk daarbij aan de Wet verbetering poortwachter (Wvp) – maar ook prikkelender voor zowel werkgevers als werknemers.

Vooral voor werkgevers is die prikkel al heel snel voelbaar, namelijk door de loondoorbetaling in de eerste twee ziektejaren.

In dit licht bezien is het misschien verrassend te constateren dat juist werkgeversprikkels bij ziekte onderwerp van discussie is in dit mini-thema in de huidige editie van TPEdigitaal. Toch is dat niet zo. Nu de economische crisis al enige jaren voortduurt, rijst namelijk de vraag of werkgevers met beperkte financiële buffers de financiële risico’s van ziekte nog wel kunnen dragen.

Dit geldt vooral als werkgevers nauwelijks kunnen sturen op preventie en re-integratie. Er is dan ook twijfel over het belangrijkste ‘werkzame bestanddeel’ van het huidige model voor ziekte- en arbeidsongeschiktheid dat we kennen in Nederland: een actieve, verantwoordelijke rol van de werkgever.

Die rol zal minder evident worden als het belang van de flexibele arbeidsmarkt – zonder aanwijsbare eenduidig verantwoordelijke werkgever – zal blijven groeien. Of sterker nog: het zou kunnen zijn dat de groei in flexibele arbeid de resultante is van werkgeversprikkels die gemoeid zijn met de vaste contracten. Werkgevers zien dit dan als de meest logische uitweg om financiële ri-sico’s van loondoorbetaling en WIA-lasten van premiedifferentiatie in te perken.

Dè beleidsvraag is dan ook of werkgeversprikkels bij ziekte niet te zwaar zijn aangezet: zijn slimmere, meer gerichte prikkels denkbaar, met minder (onnodig) ri-sico voor de werkgever?

In deze uitgave van TPEdigitaal richten drie artikelen zich op deze vraag. Veel van de auteurs hebben hun sporen verdiend in dit weerbarstige dossier. Zij zijn zich dan ook ten volle bewust van de complexiteit van hun opdracht, en het gegeven dat empirische kennis – met name over de nadelen van werkgeversprikkels – vooralsnog te wensen overlaat. Tegelijkertijd achten allen het waarschijnlijk dat die nadelen er ook zijn.



http://www.tpedigitaal.nl/archief/3-2013/

Minithema: Loondoorbetaling bij ziekte
2013 jaargang 7(3)

Inhoudsopgave 7(3)

TPEdigitaal 2013 jaargang 7(3) pagina i-ii
Artikel (PDF)

Colofon

TPEdigitaal 2013 jaargang 7(3) pagina iii-iv
Artikel (PDF)

Inleiding: Loondoorbetaling bij ziekte

Pierre Koning
TPEdigitaal 2013 jaargang 7(3) pagina 1-3
Artikel (PDF)

Verlaag kosten loondoorbetaling bij ziekte

Lucy Kok, Arjan Heyma en Marloes Lammers
TPEdigitaal 2013 jaargang 7(3) pagina 4-17
Samenvatting | Artikel (PDF)

De zoektocht naar optimale loondoorbetaling bij ziekte

Boukje Cuelenaere en Theo Veerman
TPEdigitaal 2013 jaargang 7(3) pagina 18-34
Samenvatting | Artikel (PDF)

Effecten van loondoorbetaling bij ziekte: een internationale verkenning

Rafiq Friperson en Philip de Jong
TPEdigitaal 2013 jaargang 7(3) pagina 35-48
Samenvatting | Artikel (PDF)
inleiding:


http://www.tpedigitaal.nl/assets/static/1_Koning-3-2013.pdf

Uitkomsten onderzoek Centraal Planbureau verkorting loondoorbetaling + eerste reactie van SZW - Asscher erop - bekijk het in bredere context

Uitkomsten onderzoek Centraal Planbureau verkorting loondoorbetaling
 
Op 26 april 2015 heeft het CPB haar onderzoek naar financiële gevolgen verkorting loondoorbetaling bij ziekte gepubliceerd.

De Oval vatte het rapport kort samen:

Het CPB dat verkorting van de loondoorbetaling het volgende betekent:
  • 800 mln extra werkgeverslasten
  • Verslechtering van overheidsfinanciën met 100 mln.
  • Vermindering kosten loondoorbetaling door vervallen tweede jaar maar verzwaring door extra WIA-instroom
  • Minder risico op langdurig verzuim en administratieve/organisatorische lasten die samenhangen met re-integratie van zieke werknemers
  • Verlies werkgelegenheid met 0,3%
                                                     



Zie onderstaand de tekst uit het persbericht van CPB en een link naar de volledige publicatie.

De structurele kosten van het inkorten van de loondoorbetalingsperiode van twee naar één jaar sec worden geraamd op 0,8 mld euro extra werkgeverslasten en een verslechtering van de overheidsfinanciën met 0,1 mld euro.
 Enerzijds nemen de kosten voor werkgevers af vanwege het vervallen van het tweede jaar loondoorbetaling. Anderzijds is sprake van een lastenverzwaring doordat extra WIA-instroom vervolgens langdurig in de arbeidsongeschiktheidsuitkering blijft.

De WIA-premies nemen daardoor naar verwachting structureel meer toe dan de afname van de loondoorbetalingsuitgaven. Op korte termijn is dat nog niet het geval. De extra overheidsuitgaven bestaan uit meer gebruik van andere onderdelen van sociale zekerheid.

Voor (kleine) werkgevers betekent het verkorten van de loondoorbetalingsperiode dus gemiddeld hogere kosten, maar hun risico op langdurig ziekteverzuim en administratieve en organisatorische lasten die samenhangen met de re-integratie van zieke werknemers, verminderen.

Voor werknemers geldt dat het verkorten van de loondoorbetaling een groter deel van de populatie een WIA-uitkering geeft, maar betekent voor sommige groepen een vermindering van inkomensbescherming. Dit geldt met name voor werknemers die minder dan 35% arbeidsongeschiktheid zijn: zij ontvangen maximaal één in plaats van twee jaar loondoorbetaling.

Voor zieke werknemers die wel worden toegelaten tot de WIA, betekent het een jaar korter loongerelateerd inkomen. Verder treedt een verlies van werkgelegenheid op van ongeveer 0,3% omdat extra WIA-instroom een afname betekent van het aantal personen dat beschikbaar is voor de arbeidsmarkt.


Bron: OVAL en CPB


Eerste reactie van SZW/Asscher:
* ik ga deze studie in 'bredere context' bekijken en
* kom er voor de zomer op terug.

Met de brede context wordt bedoeld:
* IBO(Interdepartementale Beleids Onderzoek) naar positie zzp-er en
* de discussie mbt herziening belastingstelsel.


 http://www.rijksoverheid.nl/ministeries/szw/documenten-en-publicaties/kamerstukken/2015/04/28/kamerbrief-doorrekening-cpb-verkorting-loondoorbetaling-bij-ziekte.html

Asscher wil positie bedrijfsartsen versterken - voorstel + consultatie ronde

Vers van de pers:

Asscher wil positie bedrijfsartsen versterken


bron: Medisch Contact - website 30 april 2015
Met een wetswijziging wil minister Asscher van Sociale Zaken onder meer de positie van de bedrijfsarts versterken. Het wetsvoorstel is gepubliceerd op internetconsultatie.nl, een website van de overheid waarop burgers in de gelegenheid worden gesteld te reageren op nieuwe voorstellen, waardoor de regelingen verbeterd kunnen worden.

Volgens Asscher zijn er rond de positie van de bedrijfsarts een aantal problemen. Zo zijn er zorgen over de onafhankelijkheid van de bedrijfsarts ten opzichte van zijn werkgever en is er soms onvoldoende ruimte voor een professionele beroepsuitoefening.

De wijziging in de wet regelt onder meer dat alle werknemers in Nederland toegang moeten krijgen tot een bedrijfsarts. Nu is dat driekwart van de werknemers. Alle werknemers moeten bovendien de mogelijkheid krijgen van een second opinion, waardoor het handelen van de bedrijfsarts transparant en toetsbaar wordt voor de werknemer. Er komen ook sancties tegen werkgevers die geen contract hebben met een bedrijfsarts of een arbodienst, want het niet direct toegang hebben tot een bedrijfsarts vormt wat Asscher betreft een risico voor de gezondheid en duurzame inzetbaarheid van werknemers.
 
Ook moet de bedrijfsarts zich toeleggen op zijn adviserende rol bij verzuim van werknemers en niet, zoals nu vaak het geval is, ook de verzuimbegeleiding op zich nemen. Door verzuimbegeleiding uit te voeren ontstaat het risico dat de belangen van de werkgever zwaarder gaan wegen, terwijl de gezondheid van werknemers juist vooropgesteld moet worden, zo licht Asscher toe.
Om zeker te stellen dat bedrijfsartsen op volwaardige wijze hun professie kunnen uitvoeren, komt er een wettelijk vastgelegd basiscontract met minimumeisen aan het contract tussen arbodienstverleners en werkgevers.
Simone Paauw
Internetconsultatie (reageren op de wijziging kan tot 24 mei 2015): Wijziging Arbowet met het oog op versterken arbodienstverlening
Lees ook:

Arboned overgenomen door HCC - opvallend nieuws - of: over hoe een kleine vis een grote vis vangt

29 april 2015              

Overname ArboNed door HumanCapitalCare vergroot vitaliteitszorg in Nederland

HumanCapitalCare neemt ArboNed over. Algemeen directeur van HumanCapitalCare Wim Huijbregts: "Met deze overname kan HumanCapitalCare haar innovatieve en unieke online gezondheidsplatform – voor werkgevers en werknemers – beschikbaar stellen aan ruim 70.000 werkgevers en meer dan 1,5 miljoen werknemers in Nederland. Zo kunnen we voor klanten van beide organisaties een meetbare bijdrage leveren aan de vitaliteit en gezondheid van hun werknemers."
Door de overname van ArboNed groeit HumanCapitalCare sinds de oprichting in 2001 van 20 naar 1.250 werknemers en naar een jaarlijkse omzet van €125 miljoen. Dit is mede te danken aan het sterke IT-systeem met het online gezondheidsplatform.

Duurzame inzetbaarheid

HumanCapitalCare en ArboNed zijn innovatieve organisaties die zich richten op duurzame inzetbaarheid voor werknemers en integraal gezondheidsmanagement voor werkgevers. Wim Huijbregts: "Wij zijn ervan overtuigd dat we medewerkers langer competent, gemotiveerd en gezond kunnen houden dan nu het geval is. Dat doen we door zelfmanagement te bevorderen via een online persoonlijk gezondheidsdossier. We geven werknemers inzicht en stimuleren en ondersteunen hen met gerichte acties om hun gezondheid te verbeteren."

Synergie en kansen

De markten van beide bedrijven zijn complementair. En de visie en profilering van beide kwaliteitsspelers komen overeen. Kennis en kunde op het gebied van arbeid, gezondheid, vitaliteit en IT worden door de overname gebundeld. Dit maakt het mogelijk nieuwe concepten en diensten voor de verschillende markten te ontwikkelen. Algemeen directeur van ArboNed Mirjam Sijmons: "ArboNed beschikt over veel wetenschappelijke kennis en expertise. Samen met de deskundigheid van HumanCapitalCare en hun innovatieve systemen kunnen we de vitaliteitsdienstverlening in Nederland naar een hoger niveau tillen."

1,5 miljoen werknemers

HumanCapitalCare gaat haar innovatieve gezondheidsplatform voor werknemers en werkgevers fasegewijs uitrollen naar klanten van ArboNed. Door de krachtenbundeling gaan beide bedrijven samen aan meer dan 70.000 werkgevers en ruim 1,5 miljoen werknemers diensten leveren op het gebied van gezondheid en vitaliteit.

Twee merken blijven bestaan

De overname van ArboNed is onder voorbehoud van toestemming van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). De ondernemingsraden van beide organisaties hebben inmiddels positief advies gegeven. De organisaties – en daarmee ook de merknamen – blijven naast elkaar bestaan. De overname als zodanig heeft geen consequenties voor de werkgelegenheid. HumanCapitalCare neemt 100% van de aandelen over, de hoogte van het overnamebedrag wordt niet bekendgemaakt.

HumanCapitalCare

HumanCapitalCare – opgericht in 2001 – is een innovatieve dienstverlener die zich richt op duurzame inzetbaarheid voor werknemers en integraal gezondheidsmanagement voor werkgevers. Met als doel werknemers competent, gemotiveerd en gezond te houden, nu en in de toekomst. Momenteel werken er ca. 340 medewerkers, heeft de organisatie 260.000 aangesloten werknemers en een omzet van 29 miljoen euro. HumanCapitalCare - met het hoofdkantoor in Son - werkt vanuit vijf regiokantoren en diverse vestigingen en heeft een landelijke dekking.

ArboNed

ArboNed maakt werkend Nederland gezonder en vitaler. Verzuimbegeleiding, terugvalpreventie en vitaliteitbevordering zijn de drie pijlers in de dienstverlening, waarmee ArboNed aantoonbaar maatschappelijk en bedrijfseconomisch een betekenisvolle rol vervult voor werkend Nederland. Bij ArboNed werken - vanuit 64 locaties door heel Nederland -  bijna 900 medewerkers.

zondag 26 april 2015

Bedrijven kijken - dit keer het verhaal van Kodak - prachtige korte impressie


Zomaar een bedrijf ? Bekijk deze prachtige korte video -
Kijken: hoe Kodak de slag compleet miste en bijna ten onder ging

 
 
                                                   
Nog niet eens zo heel lang geleden was Kodak een van de grootste bedrijven in zijn soort. De filmrolletjes van het Amerikaanse bedrijf waren in elk huishouden eigenlijk wel te vinden. Maar met de komst van digitale fotografie kwam ook een einde aan die gloriedagen. Een portret van een vroegere marktleider.

Er leek altijd nog meer dan voldoende tijd om het roer om te gooien. Om nieuwe producten te ontwikkelen en om met de tijd mee te gaan. Toen ging het opeens snel, veel sneller dan gedacht. Van het ene op het andere moment fotografeerde iedereen digitaal en had niemand nog rolletjes nodig.
                                
Een kort videoportret dat The New York Times over Kodak maakte:

Ooit 145.000 werknemers, nu nog 8.000
                                
Hoe snel succes vervliegt, wordt meteen duidelijk bij het oprijden van het industrieterrein Eastman Kodak in Rochester, een voor Amerikaanse begrippen betrekkelijk kleine stad in het westen van de staat New York. Van de tweehonderd gebouwen die hier ooit stonden, zijn er inmiddels tachtig gesloopt. En nog eens zestig zijn verkocht aan andere bedrijven.

Meer dan de resterende 60 panden heeft Kodak namelijk echt niet nodig. Van de 145.000 werknemers die het bedrijf amper 25 jaar geleden over de hele wereld in dienst had, zijn er tegenwoordig nog 8.000 over. The New York Times ging op bezoek bij de reus van weleer, die twee jaar geleden failliet ging en kort daarop doorstartte.



88 keer de aarde rond

Wrang genoeg was het een eigen uitvinding die een einde maakte aan de heerschappij van Kodak: digitale fotografie. Want het was werknemer Steven Stassen die in 1975 de eerste digitale camera ontwikkelde. En natuurlijk had Kodak plannen om meer met die techniek te gaan doen. Maar ja, die filmrolletjes verdienden zo verdraaid goed…

Pas in 2001 begon de omzet uit camerarolletjes drastisch in te zakken, met wel twintig tot dertig procent per jaar. Toch maakte Kodak in 2007 nog bijna 3,5 miljard meter aan film, net zo veel als 88 keer de omtrek van de aarde. Tegenwoordig is van die productie nog 4 procent over en worden de rolletjes eigenlijk alleen nog verkocht aan hobbyfotografen en nostalgische filmmakers.
                                          

Historie moet de toekomst zeker stellen

Maar Eastman Kodak – zoals het bedrijf voluit heet – is nog niet ten dode opgeschreven, zo meent de vorig jaar aangetreden topman Jeff Clarke. En ook de investeerders achter het bedrijf hebben er alle vertrouwen dat Kodak het hoofd weer zal oprichten, ook al leed het vorig jaar weer een miljoenenverlies.

Het concern uit 1888 heeft namelijk iets wat de concurrentie niet heeft: historie. Een hele kelder vol met producten, technieken en onderzoeken die mogelijk wel eens bruikbaar kunnen zijn in andere markten dan die van de analoge fotografie. Zoals bij het maken van telefoonschermen of goedkope sensoren.

“Mensen vragen me wel eens waarom ik nog steeds hier werk”, aldus technisch topman Terry Taber, al sinds 1980 werkzaam bij het bedrijf. “Dat is omdat ik nog steeds mogelijkheden zie.” Want Kodak mag gehavend zijn, maar het is nog niet verslagen.

Lees het hele portret over Kodak - “At Kodak, Clinging to a Future Beyond Film” - op de website van The New York Times

 

 

 

 

 

 

keek op de week - uit maart 2015


KEEK  OP  DE  WEEK: wk 12

 

Uitgave                 : De Werkplaats - strategie, analyse en advies - Dat Kan Anders

datum                   : vrijdag 20 maart 2015

email adres         : a5.algra.advies@euronet.nl

Weekend 14 en 15 maart 2015

Nasleep FNV standpunt

Deze Keek op de Week  begint met de nasleep van de FNV reactie op de kabinetsbrief Toekomst Arbeidsgerelateerde Zorg (dd 28 januari 2015).

De FNV brief  van 3 maart 2015 is gericht aan de Vaste Kamer Commissie van SZW ( en nu nog niet digitaal vindbaar, wel beschikbaar via de redactie). Het FNV standpunt is verstrekkend, want 'meent dat hét cruciale knelpunt, en dat met alle andere knelpunten verweven is, de van de werkgever (financieel) afhankelijke positie van de bedrijfsarts bij de individuele verzuimbegeleiding'.

De FNV spreekt - sinds kort - over een 'structurele weeffout' in de Arbowet.  De FNV houdt vast aan haar eerdere ingezette strategie en vind dat de bedrijfsarts eigenlijk ten principale niet onafhankelijk is. Een vrij problematisch standpunt voor de bedrijfsarts.

Alhoewel de opzet van het huidige stelsel al sinds 1994 bestaat - dus ruim twintig jaar - is het vraagstuk van de onafhankelijkheid van de bedrijfsarts pas in 2010 ( nu vijfjaar geleden)  bij de FNV knellend geworden. De aftrap voor de niet aflatende campagne voor de zogenaamde werknemers arts werd door FNV bestuurder Leo Hartveld in 2010 verricht bij de presentatie van het rapport Fit naar de Finish.

                                        

Aanvankelijk was de NVAB bij monde van NVAB voorzitter Rodenburg wel gecharmeerd wel van dit idee van de werknemersarts. Later nam de NVAB daar wat meer afstand van.

Lange tijd  bleek de NVAB zich eigenlijk geen raad te weten met deze 'aanval' op de integriteit van de bedrijfsarts.  Pas na aanhoudende - ook interne - kritiek schoof zij op in haar standpunt en nam vorig jaar publiekelijk een toch ook weer opvallend afwijzend  - de NVAB is het gezeur beu in,standpunt in wat zij recent nog eens herhaalde - NVAB herhaalt: de bedrijfsarts werkt onafhankelijk.

 

Denker des Vaderlands René Gude:  Ik maak zin door te werken !

In het weekend van 14 op 15 maart werd bekend dat Denker des Vaderlands René Gude is overleden. Een bijzondere man met frisse down-to-earth ideeën. Zo ook over werk. In een zeer lezenswaardig interview - Zin moet je maken -  met dagblad Trouw journalist Henk Steenhuis vertelt hij hoe hij tegen werk aankijkt: Ik maak zin door te werken.
 
 

Andere bijzondere overdenkingen zijn terug te vinden in de tien levenslessen van René Gude.

Geinteresseerd geraakt ? Bekijk dan het intrigerende interview met opmerkelijke one liners  als: Sterven is doodeenvoudig. Iedereen kan het , en: Als de dood er is, ben jij er niet.




                           
 

 
                      

Maandag 16 maart: De Werkplaats gaat op onderzoek uit:  vragen over second opinion uitgezet

In de kabinetsbrief over de toekomst van de Arbeidsgerelateerde zorg wordt door SZW de optie van een second opinion breed uitgemeten in de publiciteit.

Een werknemer die twijfelt over het oordeel van een bedrijfsarts kan voortaan om een second opinion bij een onafhankelijke bedrijfsarts vragen. Ook krijgt elke werknemer het wettelijk recht om de bedrijfsarts te spreken. Dat schrijft minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vandaag aan de Tweede Kamer in een reactie op het advies van de Sociaal-Economische Raad (SER) over de toekomst van de arbeidsgerelateerde zorg.

Maar wat wordt nu precies onder een second opinion verstaan ? wat zijn de randvoorwaarden, en wie betaalt dat bijvoorbeeld ? en waar verschilt deze optie van andere second opinions en/of klachten regelingen. Het kabinet geeft in zijn brief aan dat het niet de deskundigheidsoordeel van het UWV betreft ( zie brief pagina 6, voetnoot 16). Maar wat is het dan wel ?

 

 

De Werkplaats gaat op onderzoek uit en stelt aantal inhoudelijke vragen aan een drietal kernspelers in dit dossier , te weten SZW, Oval en NVAB. Meer nieuws daarover in de volgende Keek op de Week. De Oval is al meet opzetje bezig, maar alles is nog 'uder construction'

Dinsdag 17 maart: opvallende geluiden uit de catacomben van de zorgverzekeraars

De sociale zekerheid en zorg lijken nogal op elkaar. In beide domeinen gaat om een ingewikkeld hybride (publiekelijk/privaat)stelsel waar heel veel geld in omgaat. En waarbij de kosten niet onder controle zijn. Het is goed om af en toe eens over de heg te kijken. Hoe kijken ze daar tegen de spelende problematiek aan ?

Chris Oomen, directie voorzitter van zorgverzekeraar DSW - staat er niet alleen bekend om elk jaar als eerste de nieuwe zorgpremie te presenteren, maar ook om zijn vaak gekruide uitspraken. Geen bange man dus. Een bestuurder met een duidelijke mening. Lees  dit opvallende interview met Chris Oomen - directievoorzitter zorgverzekeraar DSW

http://www.lucide.info/tijdschrift/ziekenhuisdirecteur-nee-bedankt.303160.lynkx


                          
 
 
 
 
                     

Woensdag 18 maart: verzuim blijft laag.

Arboned komt met actuele verzuimcijfers over 2014. Het verzuimpercentage eindigde op 3.9%. Net iets hoger als vorig jaar (3.8%), maar toch nog goed laag.

Nu.nl kopt met 'Verzuim door stress op veel jongere leeftijd'

Stressklachten vormen de belangrijkste verzuimoorzaak bij werknemers en komen op steeds jongere leeftijd voor. 

Het gemiddelde ziekteverzuim in 2014 was met 3,9 procent iets hoger dan in 2013 (3,8 procent). Ook is de gemiddelde verzuimduur toegenomen van 24 dagen in 2013 naar 29 dagen vorig jaar. Dit blijkt uit een woensdag gepubliceerde analyse van Arboned, gebaseerd op ruim één miljoen werknemers.

Het verzuim met stressgerelateerde klachten is verder gestegen, constateert Arboned. In 2013 werd langdurig verzuim in 29 procent van de gevallen veroorzaakt door stress.

Afgelopen jaar had 33 procent van het langdurig verzuim te maken met stress, vooral onder 25- tot 34-jarigen. ''Daarmee verschuift psychisch verzuim naar een jongere leeftijdscategorie'', aldus Corné Roelen, bedrijfsarts en epidemioloog bij Arboned.

Zie verder: persbericht Arboned

 http://www.arboned.nl/nieuwscentrum/persberichten-en-publicaties/verzuim-door-stress-op-steeds-jongere-leeftijd/

 

Donderdag 19 maart : kan de coalitie verder ? en wat betekent dat  ? en nu ?

De uitslagen van de Provinciale Verkiezingen rollen binnen. Twee interessante koppen die de nu ontstane situatie goed weergeven:

Financieel Dagblad: Stilstand dreigt voor coalitie na verlies

NRC: Coalitie afgestraft, beleid niet

 

Sommigen denken altijd aan de macht te blijven. In de praktijk loopt dat nogal eens anders dan gehoopt/gedacht. Ook in het bedrijfsleven. Jim Collins schreef een aardig boek over How the mighty fall - De neergang gaat vak in fasen.

http://denieuwebedrijfsarts.blogspot.nl/2011/11/de-neergang-gaat-in-fasen-how-mighty.html

                         

 

Donderdag 19 maart: is er wel een playing level field bij de WGA - ERD

Voor de fijnproevers: een position paper van het Actuarieel Genootschap ziet het licht. Het betreft een uitdieping van het 'hybride stelsel ' van het WGA - Eigen Risico Dragerschap(ERD). Kijk, dat is interessante stuff - ook gezien de lopende discussie betreffende de loondoorbetaling

te vinden op: http://www.ag-ai.nl/nieuws.php?action=view&Nieuws_Id=526

Tot zover deze Keek op Week - nummer 12

Verkorting loondoorbetaling bij ziekte - de CPB studie is uit

Verkorting loondoorbetaling bij ziekte


CPB Notitie  | 26‑04‑2015
Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) heeft het Centraal Planbureau (CPB) gevraagd om een raming te maken van het verkorten van de loondoorbetaling bij ziekte van twee naar één jaar.

 

Verkorting loondoorbetaling bij ziekte

Download (PDF document, 859.7 KB) | 12 pagina's
 

De structurele kosten van het inkorten van de loondoorbetalingsperiode van twee naar één jaar sec worden geraamd op 0,8 mld euro extra werkgeverslasten en een verslechtering van de overheidsfinanciën met 0,1 mld euro.

Enerzijds nemen de kosten voor werkgevers af vanwege het vervallen van het tweede jaar loondoorbetaling. Anderzijds is sprake van een lastenverzwaring doordat extra WIA-instroom vervolgens langdurig in de arbeidsongeschiktheidsuitkering blijft.

De WIA-premies nemen daardoor naar verwachting structureel meer toe dan de afname van de loondoorbetalingsuitgaven. Op korte termijn is dat nog niet het geval. De extra overheidsuitgaven bestaan uit meer gebruik van andere onderdelen van sociale zekerheid.

Voor (kleine) werkgevers betekent het verkorten van de loondoorbetalingsperiode dus gemiddeld hogere kosten, maar hun risico op langdurig ziekteverzuim en administratieve en organisatorische lasten die samenhangen met de re-integratie van zieke werknemers, verminderen.

Voor werknemers geldt dat het verkorten van de loondoorbetaling een groter deel van de populatie een WIA-uitkering geeft, maar betekent voor sommige groepen een vermindering van inkomensbescherming.

Dit geldt met name voor werknemers die minder dan 35% arbeidsongeschiktheid zijn: zij ontvangen maximaal één in plaats van twee jaar loondoorbetaling.

Voor zieke werknemers die wel worden toegelaten tot de WIA, betekent het een jaar korter loongerelateerd inkomen.

Verder treedt een verlies van werkgelegenheid op van ongeveer 0,3% omdat extra WIA-instroom een afname betekent van het aantal personen dat beschikbaar is voor de arbeidsmarkt.

Lees ook het CPB Boek 16 'Kansrijk Arbeidsmarktbeleid' en het bijbehorende persbericht.
 

System melt down ? - visie van Jim Faas voorzitter NVVG - en nu ......

Een system melt down ?!? Kraak heldere column en een heel dikke steen in de (polder)vijver van NVVG voorzitter Jim Faas! Scherpe analyse, goed geschreven en een heel terechte conclusie. Lezen dus !

De boodschap: drastische herbezinning op het ziektebegrip is nodig, het stelsel is over houdbaarheidsgrens en het woord 'arbeidsongeschikt' blijkt niet meer 'passend 'in deze tijd en mag mee met het vuilnis.

Daar schrikken we wel even wakker van, toch ?

En inderdaad: 'wat is ziekte in deze tijd nog waard' - een juweeltje van een one liner overigens. Dus tijd voor bezinning voor alle ziek-is- toch-ziek- adepten, waarvan er nog (te) velen zijn.

Al met al ook een moedige oproep tot reflectie van de voorzitter van de NVVG over uitleg en interpretatie van begrip arbeidsongeschiktheid - cornerstone van ons stelsel.

Dat zal hem zeker niet in dank worden afgenomen, want het is als vloeken in de (polder)kerk.

Maar: ook ik deel zijn analyse en visie vanuit mijn bedrijfsartsenpraktijk. Het is meer dan tijd voor een grondige herbezinning en wellicht is totale renovatie aan de orde.
 


System meltdown - Voorzitter NVVG


 
‘Over twintig jaar bestaat het woord werkloosheid niet meer’, aldus Rob van de Star, de man achter Croqqer, het netwerk voor het uitwisselen van klussen.1 Volledige werkgelegenheid behoort al jaren tot het ver-leden. Mag ik een suggestie doen? Kan het woord ‘arbeidsongeschikt’ bij gelegenheid ook met het vuilnis mee?
 
Werkloosheid en arbeidsongeschiktheid.
Communicerende vaten; lood om oud ijzer.

De overeenkomst tussen beide is: geen job! Wie wel een baan heeft, houdt dat doorgaans ondanks eventuele fysieke en psychische sores gewoon vol. Maar stel: u raakt werkloos.

Ik wed dat u diezelfde sores dan vroeg of laat gebruikt als een kapstok om uw arbeidsongeschiktheid aan op te hangen. Zou ik ook doen, zeker als ik 60+ was. Of 50+.
 
We zitten vastgeroest aan sociale wetgeving uit de vorige eeuw. Dat zegt dat u alleen
arbeidsongeschikt kunt zijn op basis van ziekte. Maar wat is ziekte in deze tijd nog waard?
Iedereen heeft wel een ziekte (of twee). Alles vervloeit. Alles is ook psychisch.

De bewijzen vliegen je om de oren: ‘stress grootste oorzaak verzuim onder jongeren’.2 Of deze: ‘mantelzorgers melden zich vaker ziek op het werk’.3
 
De dagelijkse praktijk. U bent werkloos, op leeftijd, krijgt kanker, maar kunt na een tijdje opgelucht ademhalen. In remissie. U wordt hersteld verklaard. Welke werkgever neemt u aan? Waar zijn de banen? U mag zich vervoegen bij de Sociale Dienst. Of probeer het maar als zzp’er. Zonder arbeidsongeschiktheids­verzekering, dat wel. Uw buurvrouw, een leeftijdgenoot, is ook werkloos geworden na de zoveelste reorganisatie. Zij is er helemaal van in de put geraakt. Bij de WIA-poort zit ze nog zo beroerd in haar vel dat ze wordt geaccepteerd: voorlopig nog wel arbeidongeschikt, met dank aan de ggz. Volledige uitkering.
 
Stevige kans dat haar dossier nooit meer opnieuw wordt bekeken. Het is immers al jaren woe­keren met de keuringscapaciteit. Sommigen noemen dit maatwerk, anderen willekeur. Iedere ambtenaar of professional die met werklozen en arbeidsongeschikten te maken heeft adviseert ongetwijfeld naar eer en geweten.

Maar… ziet u een gerechtvaardigd verschil in de uitkomst van de behandeling van deze onfortuinlijke werkloze buren?
 
We geraken met het paradigma ‘ziekte’ steeds verder in het slop. Als discriminerende factor tussen werkloosheid en arbeidsongeschiktheid voldoet het niet meer. De gevolgen zijn ook niet uitgebleven.

Zo liep het aantal Wajongers onvoorzien op tot een kwart miljoen, op conto van ontwikkelingsstoornissen. Dankjewel Den Haag. Daar besloot men in 2004 ook om de publieke arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAZ) af te schaffen. Van de ruim 800.000 zzp’ers loopt nu twee derde rond zonder arbeidsongeschiktheidsverzekering.4 5

Tja, ADHD-kenmerken zijn dan wel een pre als je zelfstandig ondernemer bent, maar verwacht geen blij onthaal bij de particuliere verzekeraar.
 
Zouden we nu een nieuw sociaal zekerheidsstelsel opbouwen dan zouden we dat geheid helemaal anders doen. Het huidige staketsel met over elkaar buitelende aanpassingen is nauwelijks nog rechtvaardig en efficiënt te noemen. Op papier misschien wel, maar als je de casuïstiek induikt weet je wel beter.

Te veel schijnnuance, te veel vakjes en te veel heen-en-weergeschuif ertussen. Een drastische herbezinning is nodig. Ook op het ziektebegrip! Wie pakt deze handschoen voortvarend en ten principale op?
 
Jim Faas, voorzitter NVVG


Federatienieuws 15 - 2015
Voetnoten
1. http://fastmovingtargets.nl/episodes/rob-van-de-star-croqqerons-doel-drie-jaar-op-iedere-straathoek-iemand-van-croqqer/
2. Arboned. ‘Verzuim door stress op steeds jongere leeftijd’, 18 maart 2015.
https://fd.nl/economie-politiek/1097079/stress-grootste-oorzaak-verzuim-onder-jongeren
3. Sociaal Cultureel Planbureau. Concurrentie tussen mantelzorg en betaald werk, maart 2015.
4. Ministerie SZW. Beantwoording Kamervragen over arbeidsongeschiktheidsverzekering zzp’ers, 13 maart 2015.
 http://www.rijksoverheid.nl/documenten-en-publicaties/kamerstukken/2015/03/13/beantwoording-kamervragen-over-arbeidsongeschiktheidsverzekering-zzp-ers.html
5. Panteia. Arbeidsongeschiktheidsverzekeringen van zzp’ers, maart 2014. 
 
 
bron:
 
PublicatieNr. 15 - 09 april 2015 - Medisch Contact
Jaargang2015
RubriekFederatienieuws
AuteurJim Faas


maandag 30 maart 2015

Sommigen beroepen sterven uit, anderen zijn in aantocht


Oude beroepen en dingen die voorbij gaan

 

Het Uwv presenteerde nieuwe arbeidsmarktcijfers. Die zien er turbulent uit.

Oude banen verdwijnen . Nieuwe zijn in aantocht.
 

 
Voor bepaalde beroepen zijn de vooruitzichten ronduit slecht te noemen.

 

Bijna de helft van de banen als kantoorhulp, inpakker, colporteurs

En: receptionisten, en administratief medewerker staan op het punt de halveren

 

Deze groep betreft: 1.2 miljoen mensen = 17% van de werkende bevolking

Oorzaak: informatisering en digitalisering

Het gaat nu hard dus.

 

In de plus zitten: hbo/academisch niveau: financiele specialisten, accountants, economen

Verwachte groei: 30%

 

Dus u kunt zich nu nog laten omscholen

Bron: Trouw - zaterdag  7 mrt 15

 

Bekijk ook:

Start site:


Rapport over Administratief Medewerkers


Ziekteverzuim op laagste punt sinds 1996 - de meest actuele cijfers van het CBS

De laatste actuele cijfers van het CBS

Webmagazine, maandag 31 maart 2014 9:30

Ziekteverzuim op laagste punt sinds 1996

Het ziekteverzuim van werknemers in Nederland is in 2013 gedaald tot 3,9 procent. Dat betekent dat per duizend werknemers er 39 ziek zijn. Dit is het laagste verzuimpercentage sinds de start in 1996 van de huidige waarneming.

Ziekteverzuim onder de 4 procent

Na een periode van stabilisatie tussen 2004 en 2011 is het ziekteverzuimpercentage de laatste twee jaar verder gedaald. In 2013 zijn nog maar 39 van de duizend werknemers ziek. Het lage ziekteverzuim kan verband houden met de ongunstige economische situatie.
Het ziekteverzuimpercentage was de afgelopen achttien jaar niet eerder zo laag. Vanaf 2002 daalde het ziekteverzuim na de invoering van de Wet Verbetering Poortwachter. Door deze wet werden werkgevers volledig verantwoordelijk voor de ziekteverzuimbegeleiding en re-integratie van zieke werknemers.

Ziekteverzuimpercentage werknemers in Nederland

Ziekteverzuimpercentage werknemers in Nederland

Laag verzuim in kleine bedrijven

Naarmate bedrijven meer werknemers hebben, is het ziekteverzuim hoger. Bij bedrijven met minder dan tien werknemers bedroeg het verzuim 1,6 procent in 2013.  Bij bedrijven met tussen de tien en honderd werknemers was het verzuim met 3,4 procent meer dan twee maal zo hoog. Bij de grote bedrijven was het met 4,7 procent zelfs drie keer zo hoog.
Ook aan het begin van deze eeuw hield het verzuim verband met de bedrijfsomvang. Ten opzichte van 2001 is het verzuim ongeacht het aantal werknemers afgenomen. De grote bedrijven zagen het verzuim in de periode 2001-2013 met 2,4 procentpunt het meest dalen, bij de overige bedrijven daalde het verzuim met 1,3 procentpunt.

Ziekteverzuim werknemers naar bedrijfsgrootte

Ziekteverzuim werknemers naar bedrijfsgrootte

Horeca heeft laagste ziekteverzuim

Het ziekteverzuim verschilt per bedrijfstak. In 2013 was het bij de horeca met 2,2 procent het laagst. Dit heeft er onder meer mee te maken dat de horeca veel kleine bedrijven kent en gemiddeld de jongste werknemers heeft. Het verzuim van werknemers neemt namelijk toe met de leeftijd. Ook in de landbouw en de financiële dienstverlening zijn veel kleine bedrijven actief en was het ziekteverzuimpercentage relatief laag.
Bedrijfstakken als het onderwijs, openbaar bestuur, de zorg en  water- en afvalbedrijven hadden een relatief hoog verzuim. Zij kenmerken zich door veel grote instellingen.

Ziekteverzuim werknemers naar bedrijfstak, 2013

Ziekteverzuim werknemers naar bedrijfstak, 2013
Dick ter Steege
Bron: StatLine, Ziekteverzuimpercentage naar bedrijfstak

Overgrote deel van het ziekteverzuim is niet werkgerelateerd

CBS: Overgrote deel van het ziekteverzuim is niet werkgerelateerd

bron: CBS - eind 2014
 
 
In 2013 heeft bijna de helft van de werknemers in Nederland in het afgelopen jaar ten minste één keer verzuimd wegens ziekte. Bij bijna een kwart van de werknemers die verzuimden had dit deels of hoofdzakelijk met het werk te maken. Dit heeft het CBS vandaag bekendgemaakt. Werkgerelateerd ziekteverzuim komt het vaakst voor in de horeca, het onderwijs en de bouw. In bedrijfstakken als de bouw en vervoer en opslag is het verzuim het vaakst langdurig. Verder speelt leeftijd een grote rol. Hoe hoger de leeftijd van werknemers, hoe vaker het verzuim langdurig is.

Deels of hoofdzakelijk door het werk bij 23 procent

Van alle werknemers heeft 48 procent zich gedurende het afgelopen jaar ten minste één keer ziek gemeld. Van deze groep geeft 23 procent aan dat het laatste verzuimgeval deels of hoofdzakelijk kwam door het werk. Voor 71 procent van de werknemers geldt dat het recentste ziekteverzuim niet werkgerelateerd is geweest; 6 procent kon niet aangeven of het verzuim wel of niet kwam door het werk.

Werkgerelateerd verzuim relatief het vaakst in horeca, onderwijs en bouw

Hoewel binnen de bedrijfstak horeca relatief weinig wordt verzuimd, is het percentage werkgerelateerd verzuim in deze sector het hoogst. Dit komt mede doordat zich in de horeca twee keer zo vaak als gemiddeld arbeidsongevallen voordoen. Ook binnen het onderwijs en de bouw is het ziekteverzuim relatief vaak werkgerelateerd.
Ziekteverzuim hangt in sterke mate samen met geslacht, leeftijd, opleidingsniveau en bedrijfsgrootte. Maar ook als hiermee rekening wordt gehouden blijkt dat het percentage werkgerelateerd verzuim in de genoemde branches het hoogst is.

Aandeel van het laatst gemelde ziekteverzuim dat werkgerelateerd is, 2013

Aandeel van het laatst gemelde ziekteverzuim dat werkgerelateerd is, 2013

Bij oudere werknemers verzuim vaker langdurig

Bij werkgerelateerd ziekteverzuim is het verzuim vaker langdurig dan wanneer ziekteverzuim niet verband houdt met het werk. Binnen de bedrijfstakken vervoer en opslag  en bouw komt langdurig ziekteverzuim relatief vaak voor. Bedrijfsgrootte, opleiding en geslacht spelen hier geen rol in. Leeftijd daarentegen wel. Hoe hoger de leeftijd van werknemers hoe vaker het verzuim langdurig is.
De resultaten in deze bijdrage zijn ontleend aan de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) die wordt uitgevoerd door TNO en CBS.

Ziekteverzuim naar bedrijfstak (excl. Landbouw), 2013

Ziekteverzuim naar bedrijfstak (excl. Landbouw), 2013
Bronnen:

woensdag 11 februari 2015

Welke beroepen bieden kansen, en welke niet ?

Welke beroepen bieden kansen ?


Nu de arbeidsmarkt voorzichtig aantrekt ontstaan er ook weer kansen op werk. Maar in welke beroepen zijn de kansen op werk goed?


                            


Moeilijk vervulbaar zijn bijvoorbeeld vacatures voor
* monteurs,
* cnc-verspaners,
* gecertificeerde lassers,
* technisch tekenaars,
* calculators,
* programmeurs en
* docenten wis- en natuurkunde.
In deze beroepen is de kans op werk dus goed.

Minder goede kansen zijn er in een aantal economisch-administratieve beroepen en in sectoren waar op dit moment veel mensen hun baan verliezen.

Lees het actuele UWV rapport : welke beroepen bieden kansen - de laatste up date over krapte en overschot beroepen